De zaak in het kort
In deze zaak draait het om een financieel geschil tussen Recreatiepark De Tolplas B.V. en een eigenaar van een recreatiewoning, aangeduid als [geïntimeerde]. De Tolplas beweert dat [geïntimeerde] verschillende facturen voor de jaren 2020 tot en met het derde kwartaal van 2022 onbetaald heeft gelaten. Het openstaande bedrag zou € 4.323,84 bedragen. De Tolplas vordert betaling van dit bedrag, inclusief incassokosten. [geïntimeerde] betwist de vordering en voert aan dat hij de genoemde bedragen niet verschuldigd is. Dit geschil leidde tot een hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, nadat eerder de kantonrechter een gedeeltelijke toewijzing van de vorderingen van De Tolplas had gedaan.
Het verloop van het proces en de feiten
De procedure begon met een dagvaarding in hoger beroep. Beide partijen hebben hun standpunten toegelicht via memories van grieven en antwoorden. Bij de kantonrechter was al besloten dat De Tolplas enkele bedragen onterecht had gefactureerd, waaronder € 1.333,58 voor energie en € 359,85 voor tuinonderhoud. Hierdoor was het te betalen bedrag van [geïntimeerde] aan De Tolplas verminderd tot € 2.630,41. De kantonrechter wees de incassokosten af.
De relatie tussen [geïntimeerde] en De Tolplas is gebaseerd op een beheerovereenkomst voor het recreatiepark. In deze overeenkomst staat onder meer dat kosten voor gas, water en elektriciteit apart gefactureerd worden. [geïntimeerde] woont permanent in de woning op basis van een vergunning.
Eerder hadden [geïntimeerde] en De Tolplas al meerdere juridische procedures gehad over kosten die De Tolplas in rekening bracht. In 2019 bereikten zij een schikking waarin onder meer afspraken over het vastrecht en de heffingskorting werden gemaakt. Dit geschil richtte zich voornamelijk op de vraag of De Tolplas als netwerkbeheerder [geïntimeerde] de keuzevrijheid van energieleverancier had moeten bieden, zoals volgens Europese richtlijnen vereist zou zijn.
De beslissing van de rechtbank
Het Hof oordeelde dat De Tolplas niet verplicht was om [geïntimeerde] een vrije energieleverancierskeuze te bieden. De voorzieningen voor gas en elektriciteit worden beheerd via een privaat netwerk van De Tolplas en er was onvoldoende bewijs dat [geïntimeerde] daadwerkelijk een eigen aansluiting had aangevraagd of dat De Tolplas zijn keuzevrijheid had gefrustreerd. De Tolplas kan de kosten voor energie en tuinonderhoud dus doorberekenen aan [geïntimeerde], zoals eerder was gebeurd.
De vorderingen van De Tolplas werden grotendeels toegewezen, inclusief de eerder afgewezen bedragen voor energie en tuinonderhoud. De incassokosten werden echter opnieuw afgewezen omdat de aanmaningsbrief niet aan de wettelijke eisen voldeed. De kantonrechter had namelijk vastgesteld dat de termijn voor betaling niet correct was geformuleerd in de aanmaningsbrief.
Daarnaast wees het Hof het beroep op vernietiging van de vaststellingsovereenkomst wegens dwaling van de hand. [geïntimeerde] had onvoldoende aangetoond dat hij door verkeerde informatie van De Tolplas akkoord was gegaan met de gemaakte afspraken over vastrecht en heffingskorting.
Ten aanzien van de proceskosten besliste het Hof dat [geïntimeerde] deze moet vergoeden, zowel voor het hoger beroep als voor de eerdere procedure bij de kantonrechter. De uitspraak werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard, wat betekent dat deze meteen ten uitvoer kan worden gelegd, ook als een van de partijen in cassatie zou gaan bij de Hoge Raad. De uitspraak bevestigde daarmee dat [geïntimeerde] de gefactureerde bedragen moet betalen, zoals in de oorspronkelijke vordering van De Tolplas was vastgesteld.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.




