De zaak in het kort
De rechtbank Rotterdam heeft in een zaak tussen een Vereniging van Eigenaars (VvE) en een lid van de VvE, [gedaagde], uitspraak gedaan over een betalingsachterstand van de maandelijkse VvE-bijdragen. [gedaagde] erkende de betalingsachterstand, maar beriep zich op verrekening met vorderingen die hij stelt te hebben op de VvE vanwege schadegevallen in zijn appartement. De rechtbank heeft de vordering van de VvE grotendeels toegewezen, maar erkende het beroep van [gedaagde] op verrekening ten aanzien van één schadegeval.
Het verloop van het proces en de feiten
De procedure begon met de dagvaarding van [gedaagde] door de VvE op 21 maart 2025. [gedaagde] is eigenaar van een appartementsrecht en daarmee lid van de VvE. De VvE had in een ledenvergadering besloten over de bijdragen die iedere eigenaar moest betalen, vastgesteld op € 58,54 per maand. [gedaagde] had een betalingsachterstand laten ontstaan van € 1.837,55 tot en met 22 september 2025.
De VvE eiste dat [gedaagde] zijn achterstallige bijdragen, vermeerderd met wettelijke rente en incassokosten, zou betalen, en dat hij ook de toekomstige termijnen zou blijven betalen. [gedaagde] erkende de achterstand, maar wilde deze verrekenen met schadevergoedingsvorderingen die hij op de VvE meende te hebben. Volgens [gedaagde] was er sprake van twee schadegevallen: een lekkage in de badkamer en waterschade via het balkon van de bovenbuurvrouw.
De beslissing van de rechtbank
De rechtbank oordeelde dat de betalingsverplichting van [gedaagde] vaststond en dat de hoogte van de achterstand niet werd betwist, waardoor de vordering van de VvE in beginsel toewijsbaar was. Echter, [gedaagde] beriep zich op verrekening vanwege de schadegevallen.
Voor het eerste schadegeval, de lekkage in de badkamer, vond de rechtbank dat [gedaagde] zijn stelling onvoldoende had onderbouwd. De VvE had een rapport van een deskundige overgelegd dat de oorzaak van de lekkage bij de privé-doucheconstructie legde, waardoor het beroep op verrekening faalde.
Het tweede schadegeval betrof waterschade door een overgelopen balkon van de bovenbuurvrouw. [gedaagde] had herstelkosten gemaakt voor zijn appartement en de VvE betwistte de toedracht en omvang van de schade niet. De rechtbank oordeelde dat onder de gegeven omstandigheden, waarbij [gedaagde] door omstandigheden geen voorafgaande toestemming aan de VvE kon vragen voor het herstel, het beroep op verrekening voor deze schade wel slaagde.
De rechtbank besloot dat een bedrag van € 1.397,55 in mindering kon worden gebracht op de betalingsachterstand. Dit betekende dat [gedaagde] nog € 440,00 verschuldigd was aan achterstallige bijdragen en servicekosten.
Daarnaast werd [gedaagde] veroordeeld om tot het einde van het boekjaar van de VvE de maandelijkse bijdrage te betalen en werden de buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente aan de VvE toegewezen. De proceskosten werden ook aan [gedaagde] toegewezen, aangezien hij grotendeels in het ongelijk was gesteld.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.




