De zaak in het kort
In deze zaak oordeelt het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao over een beroep dat is ingesteld door twee eisers, [eiser 1] en [eiser 2], tegen de beslissing van de minister van Verkeer, Vervoer en Ruimtelijke Planning (VVRP). De minister had hun bezwaar tegen de verleende bouwvergunning niet-ontvankelijk verklaard vanwege een niet-verschoonbare termijnoverschrijding. De eisers hadden hun bezwaar te laat ingediend, namelijk ruim na de wettelijke termijn van zes weken. Het Gerecht beoordeelt of deze termijnoverschrijding verschoonbaar was en komt tot de conclusie dat dit niet het geval is. Daarom verklaart het Gerecht het beroep van de eisers ongegrond.
Het verloop van het proces en de feiten
De minister van VVRP had op 5 augustus 2020 een bouwvergunning verleend aan O.D. International Investment N.V. voor de bouw van een woonhuis op een perceel in het Boca Gentil Resort, Jan Thiel. Deze beschikking werd op 26 augustus 2020 aan de vergunninghouder uitgereikt. De eisers, beiden woonachtig op Curaçao, dienden op 19 april 2023 een pro forma bezwaar in tegen deze beschikking, gevolgd door aanvullende gronden op 24 november 2023. De hoorzitting vond plaats op 3 september 2025. De minister verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk in een beschikking van 1 oktober 2025, waarna de eisers hiertegen op 12 november 2025 beroep instelden.
De eisers voerden aan dat zij pas op 29 maart 2023 op de hoogte raakten van activiteiten op het terrein die mogelijk op bouwwerkzaamheden wezen. Zij hadden vegetatieverwijdering met een loader waargenomen, wat hen deed vermoeden dat er bouwactiviteiten plaatsvonden. Volgens de minister en de Adviescommissie hadden de eisers echter al veel eerder op de hoogte kunnen zijn van de bouwvergunning, omdat deze sinds 2020 op de website van het ministerie was gepubliceerd en er in 2022 al werkzaamheden op het terrein waren uitgevoerd.
De beslissing van de rechtbank.
Het Gerecht oordeelt dat de eisers verwijtbaar te laat bezwaar hebben gemaakt. Het Gerecht stelt vast dat de eisers op meerdere momenten vóór april 2023 op de hoogte hadden kunnen zijn van de bouwvergunning. Naast de publicatie op de ministeriële website en de eerdere werkzaamheden in 2022, was er ook een bezwaar door de Vereniging van Eigenaren (VvE) Boca Gentil tegen de vergunning ingediend. De eisers hadden volgens het Gerecht vanaf het moment dat zij in 2022 werkzaamheden waarnamen moeten navragen of er een bouwvergunning was verleend.
Daar het bezwaar van de eisers pas in april 2023 werd ingediend, ruim na de laatste datum waarop dat had moeten gebeuren (11 februari 2023), concludeert het Gerecht dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is. De minister heeft het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard. Hierdoor blijft de verleende bouwvergunning in stand en wordt het beroep van de eisers ongegrond verklaard. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden aan de eisers.
De eisers hebben de mogelijkheid om binnen zes weken na de uitspraak hoger beroep in te stellen bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie. Het hoger beroep moet worden ingediend bij het Gerecht dat de uitspraak heeft gedaan.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.


