De zaak in het kort
In deze juridische kwestie stond een geschil centraal tussen een lid van een Vereniging van Eigenaars (VvE) en de VvE zelf. Het lid, aangeduid als [appellante], verzette zich tegen een besluit van de algemene ledenvergadering van de VvE. Dit besluit hield in dat een deel van de gemeenschappelijke tuin exclusief in gebruik werd gegeven aan een specifieke appartementseigenaar, te weten de eigenaar van appartement [nummer1]. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft in hoger beroep geoordeeld dat dit besluit nietig is, omdat het in strijd is met de splitsingsakte en de rechten van de overige appartementseigenaren schendt.
Het verloop van het proces en de feiten
De zaak begon met een verzoek van [appellante] bij de kantonrechter om meerdere besluiten van de VvE-vergaderingen nietig te verklaren of te vernietigen. Het ging onder meer om een besluit over kascontrole en een besluit om een deel van de gemeenschappelijke tuin exclusief aan één appartementseigenaar toe te staan. De kantonrechter wees haar verzoek af en veroordeelde haar in de proceskosten. Hierop ging [appellante] in hoger beroep, waarbij zij haar verzoek beperkte tot de nietigverklaring van het tuinbesluit van 30 juni 2020.
[appellante] is sinds 2015 lid van de VvE die is opgericht bij een splitsingsakte uit 1978. Het reglement dat bij deze akte hoort, bepaalt dat eigenaren het genot hebben van gemeenschappelijke delen zoals de tuin, volgens de bestemming daarvan. In tegenstelling tot deze regels heeft de VvE sinds 1987 gedoogd dat de eigenaar van appartement [nummer1] een deel van de gemeenschappelijke tuin exclusief in gebruik heeft. Dit werd later geformaliseerd in notulen van een ledenvergadering waarin werd besloten dat dit gebruik kon worden voortgezet.
Tijdens de mondelinge behandeling van het hoger beroep voerde [appellante] aan dat de VvE met het besluit van 30 juni 2020 een deel van de gemeenschappelijke tuin feitelijk aan de gemeenschap had onttrokken zonder de splitsingsakte te wijzigen, wat volgens haar niet kon zonder de rechten van de andere eigenaren te schenden.
De beslissing van de rechtbank
Het gerechtshof oordeelde dat het besluit van de algemene ledenvergadering nietig was. Het hof stelde dat de splitsingsakte en het bijbehorende reglement voorschrijven dat alle appartementseigenaren gebruik moeten kunnen maken van de gemeenschappelijke delen, waaronder de tuin. De exclusieve ingebruikgeving aan slechts één eigenaar was daarmee in strijd. Het hof benadrukte dat de algemene ledenvergadering wel regels kan stellen over het gebruik van gemeenschappelijke delen, maar niet in strijd met de splitsingsakte en zonder daar baten voor de VvE tegenover te stellen. Het exclusieve gebruik door de eigenaar van appartement [nummer1] was al lange tijd aan de gang, waardoor het karakter van tijdelijk gebruik niet aannemelijk was.
Het hof kende [appellante] gelijk toe en vernietigde het besluit van 30 juni 2020. Daarnaast veroordeelde het hof de VvE in de proceskosten van het hoger beroep, maar wees het verzoek van [appellante] af om deze kosten exclusief door de VvE te laten dragen. Het hof vond dat er geen juridische of reglementaire basis was om [appellante] van haar bijdrageplicht te ontslaan, ook al had zij de procedure gewonnen.
De uitspraak benadrukt dat besluiten die in strijd zijn met de splitsingsakte nietig zijn, en dat exclusief gebruik van gemeenschappelijke delen zonder instemming van alle eigenaren en zonder wijziging van de akte niet kan worden toegestaan. Deze zaak illustreert het belang voor VvE’s om zorgvuldig om te gaan met gemeenschappelijke eigendommen en de noodzaak om besluiten te nemen binnen de kaders van de wet en de statuten.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.




