VvErechtspraak.nl
Geen resultaten
Bekijk alle resultaten
  • VvE beheer
  • VvE-Incasso
  • Aansprakelijkheid bestuur
  • Procesrecht
  • Overlast en hinder
  • Onderhoud
  • Overige categorieën
    • Bestemming van het appartement
    • Diversen
    • Lekkage en andere schade
    • Rechtsgeldigheid VvE besluit
    • Verbouwingen
    • Verduurzaming
    • Verjaring in de VvE
    • Vervangende machtiging
    • Wijzigingen van de splitsingsakte
  • VvE beheer
  • VvE-Incasso
  • Aansprakelijkheid bestuur
  • Procesrecht
  • Overlast en hinder
  • Onderhoud
  • Overige categorieën
    • Bestemming van het appartement
    • Diversen
    • Lekkage en andere schade
    • Rechtsgeldigheid VvE besluit
    • Verbouwingen
    • Verduurzaming
    • Verjaring in de VvE
    • Vervangende machtiging
    • Wijzigingen van de splitsingsakte
Geen resultaten
Bekijk alle resultaten
VvErechtspraak.nl
Geen resultaten
Bekijk alle resultaten

ECLI:NL:GHDHA:2026:327 Gerechtshof Den Haag bevestigt WOZ-waarde woning

by VvERechstpraak.nl
24/03/2026
Reading Time: 3 mins read
A A
0

De zaak in het kort

In deze zaak heeft het Gerechtshof Den Haag geoordeeld over de vastgestelde WOZ-waarde van een woning. De erfgenamen van de oorspronkelijke eigenaar van de woning betwistten de waarde die de gemeente Westland had vastgesteld voor de woning en voerden aan dat deze te hoog was. De rechtbank Den Haag had eerder al geoordeeld dat de vastgestelde waarde niet te hoog was, en de erfgenamen gingen in hoger beroep. Het Hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank, waarbij het oordeelde dat de gemeente voldoende bewijs had geleverd voor de juistheid van de vastgestelde WOZ-waarde.

Gerelateerde uitspraken

ECLI:NL:RBZWB:2026:1744 wijziging partneralimentatie door veranderde omstandigheden

ECLI:NL:RBLIM:2026:2172 Kort geding over verdeling nalatenschap en notariële akte

ECLI:NL:RBLIM:2026:2172 verdeling nalatenschap en notariële splitsing

Het verloop van het proces en de feiten

De gemeente Westland had de WOZ-waarde van de woning op 1 januari 2021 vastgesteld op €481.000 voor het kalenderjaar 2022. De oorspronkelijke eigenaar van de woning maakte bezwaar tegen deze vaststelling, maar de Heffingsambtenaar wees het bezwaar af. De eigenaar ging daarop in beroep bij de rechtbank Den Haag, die het beroep ongegrond verklaarde. Daarna volgde een hoger beroep bij het Gerechtshof Den Haag.

Tijdens het hoger beroep voerden de erfgenamen aan dat de Heffingsambtenaar niet had voldaan aan de toezendverplichting van artikel 40, lid 2, van de Wet WOZ. Daarnaast stelden zij dat er in bezwaar een nadere hoorzitting had moeten plaatsvinden omdat er nieuwe referentieobjecten waren genoemd in de uitspraak op bezwaar, wat volgens hen een schending van artikel 7:9 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) opleverde. Ook betwisten zij de hoogte van de WOZ-waarde en dat de rechtbank het motiveringsbeginsel had geschonden.

De woning in kwestie was een appartement uit 2007 met een gebruiksoppervlakte van ongeveer 115 m², een dakterras van 28 m², een berging/schuur en een parkeerplaats in de kelder. De erfgenamen voerden aan dat de waarde van de woning op €465.000 moest worden vastgesteld, in plaats van de door de gemeente vastgestelde waarde.

De beslissing van de rechtbank.

Het Gerechtshof Den Haag oordeelde dat de Heffingsambtenaar bij de vaststelling van de WOZ-waarde had voldaan aan de op hem rustende bewijslast. Het hof merkte op dat de matrix en de taxatieverslagen die tijdens de procedure waren overgelegd, voldoende inzicht gaven in de waardebepaling van de woning. De Heffingsambtenaar had gebruikgemaakt van vergelijkbare objecten en correcties toegepast voor verschillen zoals de ligging, VvE-reserves, en de aanwezigheid van balkons en loggia’s.

Het hof oordeelde verder dat de Heffingsambtenaar niet verplicht was om aanvullende gegevens te verstrekken die niet specifiek waren gevraagd door de erfgenamen. De bewering dat er nieuwe feiten of omstandigheden waren die tijdens de bezwaarprocedure hadden moeten worden meegedeeld, werd door het hof verworpen. Het hof stelde dat de aanvullende referentieverkopen die in de uitspraak op bezwaar waren opgenomen, slechts ter bevestiging dienden van het reeds ingenomen standpunt van de Heffingsambtenaar.

Ten aanzien van de gestelde schending van artikel 7:9 Awb oordeelde het hof dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die een nieuwe hoorzitting vereisten. De aanvullende referentieverkopen bevestigden slechts het bestaande standpunt van de Heffingsambtenaar.

ADVERTISEMENT

Wat betreft de motiveringsklachten van de erfgenamen, oordeelde het hof dat zelfs als de motivering van de uitspraak van de rechtbank ontoereikend zou zijn, het hof zelf de gronden voor zijn beslissing zou opnemen. Het hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank Den Haag met verbetering van de gronden en verklaarde het hoger beroep ongegrond.

Het hof zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en besloot dat er geen vergoeding voor immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn zou worden toegekend. De uitspraak van het Gerechtshof Den Haag bevestigde daarmee de eerder vastgestelde WOZ-waarde van de woning.

Lees de originele uitspraak hier.

Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.

ShareSendSend
Previous Post

ECLI:NL:GHAMS:2026:774 hof Amsterdam bekrachtigt toestemming B&B bouw

Next Post

ECLI:NL:RBMNE:2026:785 huisverbod terecht opgelegd wegens overlast

Gerelateerde uitspraken>>>

Bestemming van het appartement

ECLI:NL:RBZWB:2026:1744 wijziging partneralimentatie door veranderde omstandigheden

22/03/2026
Bestemming van het appartement

ECLI:NL:RBLIM:2026:2172 Kort geding over verdeling nalatenschap en notariële akte

20/03/2026
Bestemming van het appartement

ECLI:NL:RBLIM:2026:2172 verdeling nalatenschap en notariële splitsing

19/03/2026

VvErechtspraak.nl

  • Contact
  • Over ons

Bezoek ook eens

Nederlandvve

Alle rechten onder voorbehoud © 2025 VvE Rechtspraak.

Geen resultaten
Bekijk alle resultaten
  • VvE beheer
  • VvE-Incasso
  • Aansprakelijkheid bestuur
  • Procesrecht
  • Overlast en hinder
  • Onderhoud
  • Overige categorieën
    • Bestemming van het appartement
    • Diversen
    • Lekkage en andere schade
    • Rechtsgeldigheid VvE besluit
    • Verbouwingen
    • Verduurzaming
    • Verjaring in de VvE
    • Vervangende machtiging
    • Wijzigingen van de splitsingsakte

Alle rechten onder voorbehoud © 2025 VvE Rechtspraak.