De zaak in het kort
Mary Regina Co Ltd., een vennootschap naar het recht van Anguilla, verkocht twee appartementsrechten aan Nine South LLC, een vennootschap naar het recht van de Verenigde Staten. De aangekochte appartementsrechten omvatten onder andere ruimten voor nutsvoorzieningen, die volgens een gerechtelijke uitspraak niet tot Mary Regina behoorden maar tot de Vereniging van Eigenaars (VVE). Nine South vorderde schadevergoeding vanwege de levering van minder vierkante meters dan overeengekomen en omdat zij voor twee appartementsrechten een bijdrage aan de VVE moet betalen. Het gerecht heeft de vordering van Nine South grotendeels afgewezen.
Het verloop van het proces en de feiten
De procedure begon met een inleidend verzoekschrift ingediend door Nine South op 1 april 2025. Mary Regina diende een conclusie van antwoord in op 16 september 2025, waarin zij ook een eis in reconventie stelde. De mondelinge behandeling vond plaats op 6 januari 2026.
Op 6 mei 2021 verkocht Mary Regina een volledig gemeubileerd appartement met drie slaapkamers aan Nine South. In de notariële akte van 16 februari 2022 werd de levering van de unit aan Nine South voltooid. Echter, in een eerdere gerechtelijke procedure tussen Mary Regina en de VVE werd vastgesteld dat de nutsvoorzieningenruimten niet aan Mary Regina maar aan de VVE toebehoren.
Nine South legde op 4 maart 2025 conservatoir beslag op een bedrag dat het gerecht aan Mary Regina verschuldigd was. Dit bedrag was USD 68.326,14. Nine South claimde schadevergoeding voor het tekort aan vierkante meters en voor de extra bijdrage aan de VVE.
Mary Regina voerde aan dat Nine South te laat klaagde over het gebrek, aangezien de bekendheid met de situatie al voor de levering bestond. Mary Regina stelde dat Nine South vanaf de levering in februari 2022 bekend was met het feit dat de GEBE-ruimten niet tot de eigendom behoorden. Nine South had echter pas in april 2025 een juridische actie ondernomen.
Daarnaast was Nine South volgens Mary Regina van meet af aan op de hoogte van de verplichting om voor beide appartementsrechten een VVE-bijdrage te betalen. Deze verplichting was vastgelegd in de splitsingsakte en leveringsakte.
Mary Regina diende ook een eis in reconventie in, waarbij zij de opheffing van het beslag vorderde.
De beslissing van de rechtbank
Het gerecht oordeelde dat Nine South niet meer kan klagen over het tekort aan vierkante meters, aangezien zij bij de levering akkoord was gegaan met het geleverde. Hierdoor werd het onderdeel van de vordering dat betrekking had op de vierkante meters afgewezen.
Wat betreft de VVE-bijdrage, heeft het gerecht overwogen dat Mary Regina aan Nine South heeft gegarandeerd dat er slechts één bijdrage voor de hele unit in rekening zou worden gebracht. Hoewel Nine South op het moment van de uitspraak geen schade leed, omdat de VVE een bedrag voor het gebruik van de nutsvoorzieningenruimten aan hen betaalde, werd het gerechtelijk vonnis op dit punt gedeeltelijk toegewezen. Mary Regina werd veroordeeld om ervoor te zorgen dat Nine South slechts één bijdrage betaalt.
Nine South werd in de proceskosten veroordeeld, zowel in conventie als in reconventie. De rechtbank beval ook de opheffing van het beslag op de derdenrekening.
Het vonnis werd uitgesproken op 17 februari 2026 en verklaard uitvoerbaar bij voorraad. Het gerecht wees de overige gevorderde onderdelen van Nine South af, en Mary Regina werd in de gelegenheid gesteld het beslag binnen een bepaalde termijn op te heffen.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.



