De zaak in het kort
In deze zaak heeft een verzoeker zich tot de rechtbank Amsterdam gewend met klachten over de besluitvorming binnen een Vereniging van Eigenaren (VvE). De verzoeker stelde dat er sprake was van onregelmatigheden in de procedurele gang van zaken rondom een algemene ledenvergadering en de daar genomen besluiten. De belangrijkste punten van zorg waren de vertraagde verzending van vergaderstukken, de onduidelijkheid van de agenda en de bestuursstructuur van de VvE.
Het verloop van het proces en de feiten
De verzoeker, die in persoon procedeerde, bracht zijn bezwaren naar voren tegen drie VvE’s die verantwoordelijk waren voor het beheer van appartementsgebouwen. De zaak werd behandeld door de kantonrechter mr. M.W. van der Veen, met bijstand van griffier mr. B.A. Terwee. Tijdens de zitting werden de standpunten van beide partijen uiteengezet.
Eén van de punten die de verzoeker naar voren bracht, was dat de vergaderstukken te laat waren verzonden, namelijk 13 dagen in plaats van de voorgeschreven 15 dagen voor de vergadering. De kantonrechter oordeelde echter dat de oproeping van de vergadering op tijd had plaatsgevonden en dat de verzending van de stukken twee dagen later niet leidde tot nietigheid of vernietigbaarheid van de besluitvorming.
Een tweede punt betrof de agenda van de vergadering, die volgens de verzoeker onduidelijk en onvoldoende transparant was. De kantonrechter erkende dat de agenda duidelijker had gekund, maar vond dat de agenda voldoende helder was voor de leden om te begrijpen waarover besloten zou worden.
Verder stelde de verzoeker dat er strijd was met de akte van splitsing en het splitsingsreglement, omdat de nieuwe bestuursstructuur van een personele unie niet expliciet in deze documenten was opgenomen. De kantonrechter oordeelde dat de bestuursvorm niet expliciet werd uitgesloten en dat de gekozen constructie binnen de kaders van de splitsingsakte en het splitsingsreglement viel.
Ten slotte uitte de verzoeker zorgen over mogelijke belangentegenstellingen en een gebrek aan transparantie in de besluitvorming. De kantonrechter benadrukte dat de toetsing marginaal was en dat er geen sprake was van misbruik van de positie door de VvE-eigenaren. De besluitvorming voldeed aan de minimumvereisten en er waren voldoende checks and balances aanwezig om redelijkheid en billijkheid te waarborgen.
De beslissing van de rechtbank
De kantonrechter kwam tot de conclusie dat er geen sprake was van nietige of vernietigbare besluitvorming binnen de VvE’s. De verzoeken van de verzoeker werden daarom afgewezen. De verzoeker werd veroordeeld tot het betalen van de proceskosten, die werden begroot op € 609,50, inclusief nakosten. Ook werd bepaald dat de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad was, wat betekent dat deze onmiddellijk van kracht werd, ongeacht eventuele toekomstige rechtsmiddelen.
De kantonrechter wees erop dat hoewel sommige punten van de verzoeker begrijpelijk waren, de bestuursstructuur en de besluitvorming van de VvE’s binnen de wettelijke kaders vielen en er geen sprake was van schending van de redelijkheid en billijkheid. De uitspraak onderstreept het belang van goede communicatie en transparantie binnen VvE’s, maar bevestigt ook dat kleine procedurele tekortkomingen niet automatisch leiden tot de vernietigbaarheid van besluiten.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.




