###
De zaak in het kort
De zaak betreft een geschil tussen appartementseigenaren en een Vereniging van Eigenaars (VvE) over de aanleg van een dakterras op het gemeenschappelijke dak van een appartementencomplex. De verzoekende partijen, eigenaren van een appartement in het complex, hebben de rechtbank verzocht om nietigverklaring van een besluit van de VvE om toestemming te verlenen voor de aanleg en het gebruik van het dakterras. Zij menen dat het besluit strijdig is met de splitsingsakte van het complex. De rechtbank heeft geoordeeld dat de aanleg van het dakterras een wijziging van de splitsingsakte vereist en heeft het besluit nietig verklaard.
Het verloop van het proces en de feiten
De zaak begon toen de verzoekers op 29 september 2025 een verzoekschrift indienden, waarin zij vroegen om nietigverklaring van een besluit van de VvE-vergadering van 9 september 2025. De vergadering had toestemming verleend voor de aanleg van een dakterras door de belanghebbenden bedrijven, die eigenaar zijn van een ander appartementsrecht in het gebouw. De verzoekers, die niet aanwezig waren bij de vergadering, stelden dat het besluit zonder hun instemming was genomen en dat het in strijd was met de splitsingsakte.
De belanghebbenden bedrijven hadden reeds in mei 2024 een dakterras gebouwd en een doorgang door het dak gemaakt, met toestemming van een eerdere VvE-vergadering. Deze toestemming werd echter vernietigd door de rechtbank vanwege strijd met de redelijkheid en billijkheid.
Tijdens de mondelinge behandeling op 8 januari 2026 verschenen de verzoekers en de VvE, vertegenwoordigd door hun gemachtigden. De belanghebbenden bedrijven dienden een verweerschrift in en verzetten zich tegen de verzoeken van de verzoekers.
De rechtbank onderzocht de feiten, waaronder de splitsingsakte van 2004 die het gebouw in verschillende appartementsrechten verdeelde. De akte stelde dat daken tot de gemeenschappelijke gedeelten behoorden en dat veranderingen daaraan toestemming van de VvE-vergadering vereisten.
De beslissing van de rechtbank
De rechtbank oordeelde dat de aanleg van het dakterras een goederenrechtelijke wijziging inhoudt, waarvoor een wijziging van de splitsingsakte noodzakelijk is. De gebruiksovereenkomst die deel uitmaakt van het besluit maakt constructief ingrijpende wijzigingen mogelijk, zoals een vaste trap naar de vierde verdieping, die niet eenvoudig hersteld kunnen worden. De overeenkomst voorziet in exclusief gebruik van het gemeenschappelijke dak, maar biedt onvoldoende waarborgen voor de tijdelijkheid van dit gebruiksrecht.
De rechtbank stelde vast dat de VvE-vergadering niet bevoegd is om een gemeenschappelijk gedeelte in een appartementencomplex aan een van de eigenaars toe te wijzen zonder wijziging van de splitsingsakte. Daarom verklaarde de rechtbank het besluit van de VvE-vergadering van 9 september 2025 nietig.
Verder wees de rechtbank het verzoek van de verzoekers om het besluit tot benoeming van een lid van de kascommissie te vernietigen af, omdat er geen overtuigend bewijs was van een belangenconflict. De overige verzoeken van de verzoekers, zoals het gelasten van een financiële controle van de VvE-rekeningen, werden eveneens afgewezen.
De rechtbank veroordeelde de VvE in de proceskosten, die in het voordeel van de verzoekers werden toegewezen. Tot slot verklaarde de rechtbank de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.




