De zaak in het kort
In deze zaak heeft de kantonrechter van de rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan over de rechtsgeldigheid van een aantal besluiten die zijn genomen door de Vereniging van Eigenaars (VvE) van een appartementencomplex. De verzoekende partij, een van de eigenaren binnen de VvE, heeft de rechtsgeldigheid van deze besluiten aangevochten. De zaak draait om de benoeming van Delair Vastgoedbeheer B.V. als beheerder, de goedkeuring van de jaarrekening, de déchargeverlening aan het bestuur, de besluitvorming over groot onderhoud, en de legaliteit van digitaal vergaderen. De verzoeker heeft ook gevraagd om inzage in documenten en om de benoeming van een onafhankelijk bewaarder. De rechtbank heeft verschillende besluiten nietig verklaard en andere kwesties afgewezen.
Het verloop van het proces en de feiten
De zaak begon met een verzoekschrift van de verzoeker, waarin hij de rechtsgeldigheid van de benoeming van Delair als beheerder van de VvE ter discussie stelde, omdat Delair niet formeel benoemd was in een vergadering van de VvE. De verzoeker betwistte ook de geldigheid van diverse besluiten die op de vergaderingen van 2 en 31 oktober 2025 waren genomen. Deze besluiten omvatten onder meer de vaststelling van de jaarrekening 2024, de déchargeverlening aan het bestuur, de besluitvorming over groot onderhoud, en het voornemen om toekomstige vergaderingen digitaal te houden.
Tijdens de eerste vergadering op 2 oktober 2025 in [plaats] werden de meeste agendapunten goedgekeurd, behalve het besluit over groot onderhoud wegens het niet behalen van het vereiste quorum. Een tweede vergadering vond schriftelijk plaats op 31 oktober 2025, waar dit besluit alsnog werd aangenomen. De verzoeker was van mening dat de besluiten niet rechtsgeldig waren vanwege de onjuiste wijze van benoeming van Delair en andere procedurele onregelmatigheden.
De VvE verdedigde zich door te stellen dat Delair werkzaamheden had verricht die ten goede kwamen aan de VvE, maar zij voerden geen inhoudelijk verweer tegen de verzoeken van de verzoeker.
De beslissing van de rechtbank.
De rechtbank oordeelde dat Delair nooit formeel tot beheerder of bestuurder van de VvE was benoemd, en verklaarde daarom dat Delair niet bevoegd was op te treden als beheerder. Wat betreft de besluiten genomen tijdens de vergaderingen, oordeelde de rechtbank als volgt:
1. **Goedkeuring notulen en benoeming bestuurders:** De rechtbank vond de notulen en de benoeming van bestuurders rechtsgeldig. De notulen waren naar behoren vastgesteld en de benoeming van bestuurders was correct verlopen, ondanks het feit dat de vergadering niet door een formeel benoemd bestuur werd geleid.
2. **Goedkeuring jaarrekening en déchargeverlening:** De goedkeuring van de jaarrekening 2024 werd nietig verklaard omdat geen kascommissie was benoemd, zoals wettelijk vereist. Hierdoor kon ook geen décharge aan het bestuur worden verleend, en dit besluit werd vernietigd.
3. **Goedkeuring begroting:** De rechtbank vond dat de begroting voor 2026 rechtsgeldig was goedgekeurd. Ondanks de problemen met de jaarrekening, was er geen reden om aan te nemen dat de begroting zelf ondeugdelijk was.
4. **Mandatering bestuur en beheerder:** Het besluit om mandaten te verstrekken aan bestuur en beheerder bleef in stand. Dit besluit werd als voldoende afgebakend beschouwd.
5. **Digitaal vergaderen:** Het besluit om digitaal te vergaderen werd nietig verklaard, omdat de huidige wetgeving dit niet toestaat zonder unanieme instemming van alle leden.
6. **Groot onderhoud:** Het besluit over groot onderhoud, genomen tijdens de schriftelijke vergadering, werd nietig verklaard omdat er niet voldaan was aan de wettelijke vereisten voor schriftelijke besluitvorming.
De verzoeken van de verzoeker om voorlopige voorzieningen, inzage in en afgifte van documenten, en de benoeming van een onafhankelijk bewaarder werden afgewezen. De rechtbank vond dat er al voldoende inzage was verleend in documenten en dat de verzoeker onvoldoende belang had bij het verzoek tot een verbod op de werkzaamheden voor groot onderhoud. De benoeming van een beheerder moet eerst door de vergadering worden behandeld.
Wat betreft de proceskosten, oordeelde de rechtbank dat deze werden gecompenseerd, wat betekent dat iedere partij zijn eigen kosten draagt. De uitspraak biedt duidelijkheid over de rechtsgeldigheid van de besluiten binnen de VvE en stelt eisen aan de formele benoeming van beheerders en de procedurele juistheid van besluitvorming binnen dergelijke verenigingen.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.




