De zaak in het kort
In deze rechtszaak heeft de heer [verzoeker], eigenaar van een appartementsrecht in een gebouw beheerd door de Vereniging van Eigenaren (VvE), de rechtsgeldigheid van verschillende besluiten van de VvE aangevochten. De besluiten hadden betrekking op de benoeming van Delair Vastgoedbeheer B.V. als beheerder, de goedkeuring van de jaarrekening, dechargeverlening aan het bestuur, digitaal vergaderen, en groot onderhoud. [Verzoeker] stelde dat Delair nooit formeel tot beheerder was benoemd en dat de besluiten niet rechtsgeldig tot stand waren gekomen.
Het verloop van het proces en de feiten
De procedure begon met een verzoekschrift van [verzoeker] in oktober 2025, gevolgd door een nadere toelichting in januari 2026. De zaak werd mondeling behandeld in februari 2026. [Verzoeker] voerde aan dat Delair nooit formeel was benoemd als beheerder van de VvE en dat er geen overeenkomst met hen was gesloten. Desondanks had Delair als beheerder gefunctioneerd. Verder vond er op 2 oktober 2025 een vergadering van de VvE plaats, waarin verschillende belangrijke besluiten werden genomen, zoals de goedkeuring van de jaarrekening en de benoeming van nieuwe bestuursleden. Een tweede vergadering vond schriftelijk plaats op 31 oktober 2025 om het besluit over groot onderhoud goed te keuren, dat in de eerdere vergadering niet was aangenomen wegens het ontbreken van een quorum.
[Verzoeker] verzocht de rechtbank te verklaren dat Delair niet bevoegd was als beheerder op te treden en dat de besluiten van de vergaderingen nietig of vernietigbaar waren. Hij vroeg ook om voorlopige voorzieningen om de uitvoering van de besluiten te voorkomen, inzage in de financiële administratie, en de benoeming van een onafhankelijk administratief bewaarder.
De VvE voerde verweer door de werkzaamheden van Delair en de samenwerking met [verzoeker] te belichten, maar ging niet specifiek in op de juridische bezwaren van [verzoeker].
De beslissing van de rechtbank
De rechtbank beoordeelde de rechtsgeldigheid van de besluiten van de VvE. Het oordeel was dat Delair nooit formeel tot beheerder was benoemd, zoals vereist door het Modelreglement 1992, en derhalve geen officiële rol als beheerder of bestuurder kon vervullen. Echter, de voorbereidingen en stukken die Delair had verzorgd konden nog steeds de basis vormen voor rechtsgeldige besluiten door de VvE.
Wat betreft de verschillende besluiten, oordeelde de rechtbank als volgt:
1. **Goedkeuring van notulen**: De notulen van de vergadering van 2024 werden als rechtsgeldig vastgesteld, aangezien de vergadering werd geleid door een bevoegd persoon volgens het Modelreglement.
2. **Goedkeuring van de jaarrekening**: Dit besluit werd nietig verklaard wegens het ontbreken van een rechtsgeldig benoemde kascommissie, wat in strijd is met de wettelijke vereisten. Zonder juiste goedkeuring van de jaarrekening kon ook geen decharge aan het bestuur worden verleend, waardoor ook dat besluit werd vernietigd.
3. **Goedkeuring van de begroting**: Het besluit tot goedkeuring van de begroting voor 2026 bleef in stand, omdat er geen concrete bezwaren waren aangetoond die de begroting zelf in twijfel trokken.
4. **Benoeming van bestuurders**: Dit besluit bleef in stand, aangezien er geen procedurele onregelmatigheden waren aangetoond en er geen andere kandidaten waren gepasseerd.
5. **Mandatering van bestuur en beheerder**: Het besluit tot mandatering bleef eveneens in stand, hoewel er geen rechtsgeldig benoemde beheerder was, kon een toekomstige benoeming dit besluit activeren.
6. **Digitaal vergaderen**: Het besluit om digitaal te vergaderen werd nietig verklaard, omdat dit op het moment wettelijk niet was toegestaan.
7. **Groot onderhoud**: Het besluit over groot onderhoud werd nietig verklaard omdat het schriftelijk was genomen zonder unanieme instemming van alle eigenaars, wat in strijd is met het Modelreglement.
De rechtbank wees de verzoeken van [verzoeker] om voorlopige voorzieningen, inzage in stukken, en de benoeming van een onafhankelijk bewaarder af, omdat deze verzoeken onvoldoende concreet waren of omdat ze eerst binnen de VvE zelf moesten worden behandeld. Ten slotte werden de proceskosten gecompenseerd, wat betekent dat beide partijen hun eigen kosten dragen. De rechtbank bekrachtigde dat Delair niet rechtsgeldig als beheerder of bestuurder was benoemd en verklaarde enkele besluiten van de VvE nietig.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.




