De zaak in het kort
In deze zaak behandelt de rechtbank Den Haag een geschil tussen twee voormalige partners, [partij A] en [partij B], over de verdeling van hun gezamenlijke woning na het einde van hun affectieve relatie. Het conflict draait om de vraag hoe de overwaarde van het appartement moet worden verdeeld, of [partij B] een gebruiksvergoeding aan [partij A] moet betalen en of [partij A] moet bijdragen aan de door [partij B] betaalde kosten voor de woning. De rechtbank is gevraagd te beslissen over de verdeling van de woning en de vergoedingsrechten van beide partijen.
Het verloop van het proces en de feiten
Partijen hebben samen een appartement gekocht in december 2019, waarbij beide partijen eigenaar werden voor de onverdeelde helft. De woning werd aangeschaft voor € 175.000,- met een hypothecaire lening van € 165.000,-. De relatie eindigde in maart 2020, waarna [partij A] de woning verliet op 1 mei 2020 en [partij B] er bleef wonen. De twist ontstond over de verdeling van de woning en de financiële verplichtingen die daarbij kwamen kijken.
Het procesdossier bestond uit een dagvaarding van [partij A] met producties, de conclusie van antwoord met eis in reconventie van [partij B], en de conclusie van antwoord in reconventie van [partij A]. Tijdens de mondelinge behandeling op 30 september 2025, presenteerden beide partijen aanvullende stukken.
In conventie vordert [partij A] dat de woning aan [partij B] wordt toegedeeld tegen een door een makelaar vast te stellen waarde, onder de voorwaarde dat [partij B] de hypotheek aflost of [partij A] uit de hoofdelijke aansprakelijkheid ontslaat, en [partij A] een bedrag wegens overbedeling ontvangt. Mocht [partij B] niet in staat zijn om binnen drie maanden de overname te realiseren, dan moet de woning worden verkocht aan een derde.
In reconventie vordert [partij B] dat [partij A] de helft van alle vaste lasten van de woning vanaf de aankoopdatum vergoedt, en dat rekening wordt gehouden met bepaalde kosten die [partij B] heeft gemaakt, die volgens hem in totaal € 56.077,16 bedragen.
De beslissing van de rechtbank
De rechtbank besluit dat de woning opnieuw getaxeerd moet worden omdat de eerdere taxatie verouderd is. Partijen zullen gezamenlijk opdracht geven aan een makelaar voor een nieuwe taxatie. [partij B] krijgt de kans om de woning over te nemen, mits hij voldoet aan de voorwaarden van financiering en ontslag van [partij A] uit hoofdelijke aansprakelijkheid. Lukt dit niet binnen de gestelde termijn, dan moet de woning aan een derde worden verkocht.
De rechtbank oordeelt dat [partij B] een vergoedingsrecht heeft voor de helft van de extra aflossingen die hij heeft gedaan op de hypotheekschuld en de lening bij ING. Het beroep van [partij A] op verjaring voor de overdrachtskosten wordt gehonoreerd omdat de eventuele regresvordering verjaard is voordat [partij B] daar aanspraak op heeft gemaakt.
Bij de verdeling wordt ook rekening gehouden met vergoedingsrechten vanwege de ongelijke aflossing van de hypotheekschuld. [partij B] heeft recht op een vergoeding voor de meer afgeloste hypotheekschuld en de lening bij ING, omdat [partij B] meer heeft afgelost dan zijn aandeel.
De rechtbank compenseert de proceskosten tussen partijen vanwege hun voormalige affectieve relatie, zodat elk van hen hun eigen kosten draagt.
Tot slot is de rechtbank van oordeel dat er geen gebruiksvergoeding verschuldigd is aan [partij A] voor het gebruik van de woning door [partij B] na het vertrek van [partij A], omdat dit in balans is met de eigenaarslasten die [partij B] heeft gedragen. Deze wederzijdse vorderingen worden gecompenseerd en blijven buiten beschouwing bij de verdeling van de woning. Kosten voor gebruikerslasten en renovaties worden afgewezen vanwege onvoldoende onderbouwing door [partij B].
Door deze uitspraak wordt de verdeling van de woning en de financiële rechten en plichten van beide partijen duidelijk vastgelegd, waardoor een einde komt aan de gezamenlijke eigendom en de onderlinge verplichtingen tussen [partij A] en [partij B].
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.



