De zaak in het kort
In deze zaak gaat het om een geschil tussen een appartementseigenaar, [verzoeker], en de Vereniging van Eigenaren (VvE) van het complex Schellingshof in Beek-Ubbergen. [verzoeker] betwist de rechtmatigheid van enkele besluiten die door de VvE zijn genomen met betrekking tot kosten voor onderhoud aan gemeenschappelijke delen van het complex. [verzoeker] is van mening dat deze kosten ten onrechte door de VvE worden gedragen en stelt dat de besluiten van de algemene ledenvergadering (ALV) nietig of vernietigbaar zijn. De kantonrechter moet oordelen over de geldigheid van deze besluiten en de vraag of de VvE terecht wordt belast met de onderhoudskosten.
Het verloop van het proces en de feiten
De zaak begon met een notariële akte van splitsing uit 2003, waarbij het complex Schellingshof werd gesplitst in verschillende appartementsrechten, waaronder winkelruimten, woningen, en een hotel. De eigenaren van deze appartementsrechten zijn lid van de hoofd-VvE. Binnen deze hoofd-VvE is ook een ondersplitsing voor de woningen, waar [verzoeker] deel van uitmaakt.
Er is discussie ontstaan binnen de VvE over de kosten van onderhoud, met name over wie verantwoordelijk is voor bepaalde kosten die betrekking hebben op gemeenschappelijke delen van de hoofd-VvE. [verzoeker] heeft meerdere voorstellen aan de ALV voorgelegd om deze kosten anders te verdelen. Tijdens de ALV van 10 april 2025 werden deze voorstellen echter verworpen, en werd een gewijzigd huishoudelijk reglement aangenomen.
[verzoeker] diende vervolgens een verzoek in bij de kantonrechter om de besluiten van de ALV nietig te verklaren of te vernietigen. Daarnaast verzocht [naam], een andere belanghebbende, om herberekening van kosten vanaf 2010 door een externe deskundige en teruggave van te veel betaalde servicekosten.
De VvE voerde verweer tegen de verzoeken van [verzoeker] en [naam], en verzocht om hen niet-ontvankelijk te verklaren of de verzoeken af te wijzen.
De beslissing van de rechtbank
De kantonrechter oordeelt dat er geen sprake is van nietige besluiten door de VvE of een nietige vastlegging van de huidige praktijk in het huishoudelijk reglement. De kantonrechter ziet geen bewijs dat de VvE kosten draagt die zij niet zou moeten dragen, of dat er sprake is van een onjuiste kostenverdeling. De argumenten van [verzoeker] en [naam] worden niet voldoende onderbouwd met concrete cijfers of feiten.
De rechter constateert dat de VvE sinds 2005 of 2010 op dezelfde wijze de kosten voor onderhoud verdeelt en dat deze praktijk door de ALV is geaccordeerd. Er is geen bewijs dat deze verdeling nadelig uitpakt voor de leden van de VvE, zoals [verzoeker] stelt. Bovendien heeft de ALV de bevoegdheid om af te wijken van de standaard kostenverdeling, mits unaniem besloten.
De rechter wijst de verzoeken van [verzoeker] en [naam] af en veroordeelt [verzoeker] in de proceskosten van de VvE. De kantonrechter acht het huidige systeem redelijk en praktisch, waarbij winkels, woningen en hotel zoveel mogelijk hun eigen kosten dragen. Ook is er geen aanwijzing dat het bestuur van de VvE willekeurig handelt ten nadele van individuele eigenaars.
Samenvattend, de kantonrechter concludeert dat de besluiten van de VvE in overeenstemming zijn met de wet en de statuten, en dat de redelijkheid en billijkheid niet zijn geschonden.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.



