De zaak in het kort
De rechtbank Gelderland behandelt een civielrechtelijk geschil tussen de Vereniging van Eigenaars van Woonappartementen “Vaartbroek” te Eindhoven (hierna: de VvE) en een individuele eigenaar, aangeduid als [gedaagde]. Het geschil betreft de hoogte van de in rekening gebrachte warmtekosten, suppleties en service-afrekeningen. De rechtbank heeft in een eerder tussenvonnis vastgesteld dat er nog geen eindbeslissing kan worden genomen over de warmtekosten en heeft de VvE opgedragen om aanvullende informatie te verstrekken. In het onderhavige vonnis wordt een deel van de gevorderde bedragen toegewezen, terwijl andere onderdelen verder onderbouwd moeten worden door de VvE.
Het verloop van het proces en de feiten
Het proces is gestart met een dagvaarding door de VvE tegen [gedaagde] vanwege onbetaalde rekeningen met betrekking tot warmtekosten, suppleties en service-afrekeningen voor appartementen en bergingen in het wooncomplex. In een eerdere procedure (In de huidige voortzetting van de zaak is de rechtbank van oordeel dat de VvE aanvullende gegevens moet verstrekken over de wijze waarop de warmtekosten worden berekend. Volgens de Warmtewet moeten warmtekosten zoveel mogelijk gebaseerd zijn op het werkelijke verbruik. De VvE heeft echter geen eindafrekeningen van de energieleverancier overgelegd, waardoor [gedaagde] de juistheid van de in rekening gebrachte kosten niet kan verifiëren. De rechtbank heeft de VvE opgedragen om bij akte inzicht te geven in de verbruikskosten van het gehele complex voor de jaren 2021/2022, 2022/2023 en 2023/2024.
Daarnaast heeft de VvE gesteld dat de totale kosten onder andere bestaan uit leveringskosten voor gas, meterdiensten en transportkosten, en dat deze worden verdeeld volgens een historisch bepaalde verdeelsleutel. [gedaagde] betwist dit en stelt dat de overgelegde facturen en overzichten onduidelijk en onjuist zijn. Hij kan de kosten niet afzetten tegen zijn daadwerkelijke verbruik.
De beslissing van de rechtbank
In het vonnis van 28 januari 2026 heeft de rechtbank verschillende beslissingen genomen:
1. **Warmtekosten:**
De rechtbank heeft de VvE opgedragen om de warmtekosten verder te onderbouwen. De VvE moet cijfermatig inzicht geven in de kosten per factuur, jaar en appartement. De VvE moet ook toelichten waarom de totaalbedragen en eenheden op de facturen kloppen en reageren op het standpunt van [gedaagde] dat de vordering moet worden afgewezen indien de juistheid van het verbruik en de kosten niet kunnen worden aangetoond.
2. **Suppleties:**
De rechtbank heeft de vordering van de VvE met betrekking tot de suppleties toegewezen. De VvE heeft voldoende onderbouwd dat de gewijzigde begroting met terugwerkende kracht is vastgesteld en dat [gedaagde] de daarin genoemde bedragen moet betalen. Het totale suppletiebedrag van € 5.065,34 over de periode van zeven maanden is toegewezen.
3. **Service-afrekeningen:**
De vordering van € 447,34 onder de noemer ‘service-afrekeningen’ is reeds in het tussenvonnis toewijsbaar geoordeeld. Dit bedrag moet door [gedaagde] worden betaald. Het bedrag van € 3.442,17 betreft een teruggave en maakt geen deel uit van de vordering van de VvE.
4. **Deelbetalingen en verrekeningen:**
De rechtbank heeft vastgesteld dat sommige bedragen op het overzicht van vorderingen en ontvangsten deelbetalingen of verrekeningen betreffen en daarom geen onderdeel van de vordering zijn. Het totale bedrag van deze verrekeningen bedraagt € 6.266,20.
De zaak wordt voortgezet en de VvE krijgt de gelegenheid om op 25 februari 2026 een akte te nemen over de onderbouwingsplicht van de warmtekosten en de geldigheid van de vorderingen. [gedaagde] kan hierop binnen vier weken reageren met een antwoordakte. De rechtbank heeft verder iedere beslissing aangehouden.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.



