De zaak in het kort
In een geschil tussen particuliere eigenaren en een Vereniging van Eigenaren (VvE) is de rechtbank Midden-Nederland gevraagd om een aantal besluiten van de VvE nietig te verklaren of te vernietigen. De besluiten betreffen de goedkeuring van de jaarstukken van 2023, de decharge van het bestuur over het beleid van 2023, en de vaststelling van een definitieve bijdrage om een exploitatietekort aan te zuiveren. De rechtbank vernietigt deze besluiten vanwege strijd met de redelijkheid en billijkheid. Het besluit om de bouwcommissie op te heffen wordt echter gehandhaafd.
Het verloop van het proces en de feiten
De zaak begon met een verzoekschrift, ingediend op 4 januari 2025, waarin meerdere particuliere eigenaren van appartementen in een bungalowpark de besluiten van een VvE-vergadering van 4 december 2024 aanvochten. De VvE is verantwoordelijk voor het beheer van het bungalowpark en de bijbehorende faciliteiten.
Het conflict ontstond nadat de aandelen van het grootste aandeelhoudende bedrijf binnen de VvE, [naam] B.V., in augustus 2020 van eigenaar wisselden. Sindsdien zijn er spanningen ontstaan tussen de B.V. en de particuliere eigenaren. Tijdens de Bijzondere Algemene Ledenvergadering in december 2024 werden meerdere besluiten genomen, waaronder het opheffen van de bouwcommissie, het goedkeuren van de jaarstukken van 2023, de decharge van het bestuur over datzelfde jaar, en de vaststelling van een definitieve bijdrage om het exploitatietekort te dekken.
De particuliere eigenaren, die een minderheidsbelang binnen de VvE vertegenwoordigen, vonden dat deze besluiten in strijd waren met de redelijkheid en billijkheid. Ze voerden aan dat de besluiten nietig zouden moeten zijn omdat ze niet met de verplichte gekwalificeerde meerderheid waren genomen. Ook waren zij van mening dat de besluiten onredelijk waren, gezien de gebrekkige transparantie en verantwoording van het bestuur, met name wat betreft financiële zaken.
Tijdens de mondelinge behandeling op 26 maart 2025, en in de daaropvolgende correspondentie, werd duidelijk dat er een gebrek aan vertrouwen bestond tussen de partijen. Het proces resulteerde in de vorming van commissies om de problemen te bespreken, maar deze leverden geen bevredigende oplossing op.
De beslissing van de rechtbank.
De rechtbank heeft bepaald dat de besluiten tot goedkeuring van de jaarstukken van 2023, de decharge van het bestuur, en de vaststelling van de definitieve bijdrage voor het exploitatietekort nietig zijn. De kantonrechter vond dat deze besluiten niet met de vereiste zorgvuldigheid waren genomen en in strijd waren met de redelijkheid en billijkheid. Met name de goedkeuring van de jaarstukken werd geproblematiseerd door het negatieve advies van de kascommissie, die onvoldoende informatie had gekregen om haar taak naar behoren uit te voeren. Dit leidde tot de conclusie dat de vergadering niet redelijkerwijs tot het besluit had kunnen komen om de jaarstukken goed te keuren.
De rechtbank stelde vast dat het besluit om de bouwcommissie op te heffen rechtsgeldig was. Dit besluit was genomen met een volstrekte meerderheid van stemmen en werd niet als onredelijk beschouwd, aangezien de bevoegdheid van de bouwcommissie om beslissingen te nemen al eerder was ingetrokken. De bouwcommissie fungeerde slechts als adviseur voor de administrateur bij bouwaanvragen, en de opheffing ervan was in overeenstemming met de regels betreffende het gebruik van privé-gedeelten.
De proceskosten werden gecompenseerd, wat betekent dat elke partij haar eigen kosten draagt. De uitspraak onderstreept het belang van zorgvuldige besluitvorming binnen verenigingen van eigenaren, vooral wanneer er sprake is van een meerderheidsaandeelhouder die beslissingen wil doorvoeren die door minderheidsleden worden betwist.
Deze beslissing heeft implicaties voor hoe VvE’s hun administratie en besluitvormingsprocessen moeten beheren, waarbij wordt benadrukt dat transparantie en naleving van de statuten essentieel zijn om conflicten te voorkomen. De zaak benadrukt ook de noodzaak voor VvE’s om de belangen van alle leden in overweging te nemen bij het nemen van belangrijke beslissingen, vooral wanneer er een meerderheidseigenaar is die het potentieel heeft om zijn belangen boven die van de minderheid te stellen.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.




