De zaak in het kort
In deze civiele procedure voor de rechtbank Midden-Nederland speelt een geschil tussen de Vereniging van Eigenaars (VvE) en een appartementseigenaar, hierna genoemd [gedaagde]. Het conflict draait om de noodzakelijke herstelwerkzaamheden aan het balkon van [gedaagde], waar regenwater blijft liggen door een verkeerd aangelegde betonvloer. Dit heeft geleid tot schade en lekkages in onderliggende appartementen. De VvE eist dat [gedaagde] toegang verleent tot haar appartement voor deze werkzaamheden, terwijl [gedaagde] wil dat het materiaal via een hoogwerker buitenom wordt aangevoerd om haar woning te beschermen tegen stof en vuil.
Het verloop van het proces en de feiten
De procedure is gestart met een dagvaarding van de VvE, die gepaard ging met verschillende schriftelijke stukken van beide partijen. Beide partijen hebben hun standpunten en eisen gepresenteerd tijdens de mondelinge behandeling op 11 december 2025. Het kernprobleem is dat het balkon van [gedaagde] dringend moet worden gerepareerd vanwege structurele gebreken. [gedaagde] is onderdeel van de VvE en moet volgens de regels medewerking verlenen aan het onderhoud van gemeenschappelijke delen van het gebouw, zoals het balkon. Echter, [gedaagde] verzet zich tegen het gebruik van haar appartement voor de aanvoer van bouwmaterialen en wil dat dit buitenom gebeurt met een hoogwerker. De VvE heeft aanvankelijk een hoogwerker voorgesteld, maar trok dit bod later in omdat het werk niet op deze wijze uitgevoerd kan worden.
De beslissing van de rechtbank
De kantonrechter heeft bepaald dat [gedaagde] verplicht is om toegang te verlenen tot haar appartement voor de noodzakelijke herstelwerkzaamheden. Dit is gebaseerd op artikel 18 lid 3 van het Modelreglement bij splitsing in appartementsrechten 1992, dat voorschrijft dat eigenaren toegang moeten verlenen voor noodzakelijke werkzaamheden aan gemeenschappelijke zaken. Hoewel de VvE aanvankelijk een hoogwerker had toegezegd, bleek dit technisch niet haalbaar. De kantonrechter heeft geoordeeld dat het materiaal via het appartement van [gedaagde] moet worden aangevoerd, omdat anders de werkzaamheden niet uitgevoerd kunnen worden.
Daarnaast heeft de rechtbank een dwangsom van € 100,00 per dag opgelegd aan [gedaagde] voor elke dag dat zij niet meewerkt, met een maximum van € 2.500,00. De tegenvordering van [gedaagde] om het materiaal via een hoogwerker aan te voeren, is afgewezen. Het stappenplan van de VvE, dat voorziet in het netjes en schoon houden van [gedaagde]’s appartement tijdens de werkzaamheden, werd als redelijk beschouwd.
De rechtbank heeft verder geoordeeld dat [gedaagde] de achterstallige VvE-bijdrage van € 718,24 moet betalen zodra de herstelwerkzaamheden zijn afgerond. De vordering van de VvE voor wettelijke rente over de achterstallige bijdragen is afgewezen, omdat [gedaagde] gerechtigd was de betaling op te schorten in afwachting van de herstelwerkzaamheden. Tot slot zijn de proceskosten gecompenseerd, wat betekent dat beide partijen hun eigen kosten dragen.
Deze uitspraak benadrukt het belang van samenwerking binnen een VvE en de noodzaak voor appartementseigenaren om hun verplichtingen na te komen met betrekking tot de gemeenschappelijke delen van het gebouw. De kantonrechter heeft geprobeerd een balans te vinden tussen de belangen van beide partijen, met een praktische oplossing voor de uitvoering van de herstelwerkzaamheden.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.



