De zaak in het kort
In deze zaak gaat het om een geschil tussen appartementseigenaren binnen een Vereniging van Eigenaars (VvE) in Noord-Holland. De kern van het geschil draait om de vraag of het toegestaan is dat een appartementseigenaar en diens gevolmachtigde tegelijkertijd aanwezig zijn bij een VvE-vergadering. Daarnaast is er discussie over de geldigheid van besluiten die zijn genomen tijdens vergaderingen waar zowel de eigenaar als de gevolmachtigde aanwezig waren.
Het verloop van het proces en de feiten
De zaak begint wanneer [verzoekster], eigenaar van een bedrijfsruimte in het gesplitste gebouw, bezwaar maakt tegen de aanwezigheid van [verweerster 2] en haar gevolmachtigde partner tijdens een VvE-vergadering. [verzoekster] stelt dat deze gelijktijdige aanwezigheid in strijd is met de splitsingsakte. De VvE, bestaande uit twee appartementen, heeft al sinds 1977 een splitsingsakte waarin het Modelreglement 1973 van toepassing is verklaard. In 2024 vindt een vergadering plaats waar [verweerster 2] en haar partner aanwezig zijn. Er worden geen besluiten genomen, maar de aanwezigheid van beiden leidt tot een juridisch geschil.
[verzoekster] vraagt de rechtbank om een vervangende machtiging om de VvE-vergaderingen te houden volgens de regels van de splitsingsakte. Bovendien wil [verzoekster] dat de rechtbank de eerder gehouden vergaderingen nietig verklaart. [verweerster 2], op haar beurt, verzoekt de rechtbank om vervangende machtiging voor de goedkeuring van financiële stukken van de VvE en wil dat de rechtbank verklaart dat de volmacht van haar partner geen privaat karakter heeft, zodat hij rechtsgeldig kan optreden als gevolmachtigde.
De beslissing van de rechtbank
De rechtbank wijst het verzoek van [verzoekster] grotendeels af. Het verzoek om vergaderingen nietig te verklaren of een vervangende machtiging te geven voor het houden van vergaderingen vindt geen steun in de wet. De rechtbank kan alleen ingrijpen als er specifieke wettelijke gronden zijn, zoals in gevallen waarin de wet een vervangende machtiging toestaat.
Wel verklaart de rechtbank dat een volmacht geen privaat karakter heeft en dat [betrokkene] als gevolmachtigde mag optreden, maar alleen zonder gelijktijdige aanwezigheid van [verweerster 2]. Dit betekent dat [verweerster 2] een keuze moet maken of zij zelf de vergadering bijwoont of haar partner met een schriftelijke volmacht.
De rechtbank verklaart ook dat [verweerster 2] bevoegd is om als voorzitter van de VvE-vergaderingen op te treden, en dat zij de vergaderingen correct heeft opgeroepen. De rechtbank benadrukt dat het mogelijk is om agendapunten binnen acht dagen voor een vergadering aan te dragen. Ten slotte oordeelt de rechtbank dat [verweerster 2], in haar rol als bestuurslid en voorzitter, bevoegd is om de notulen van de vergaderingen op te stellen en te ondertekenen.
De rechtbank wijst het verzoek van [verzoekster] om een onzijdig persoon aan te stellen af, omdat de benoeming van een onzijdig persoon slechts mogelijk is onder specifieke omstandigheden, zoals het staken van stemmen tijdens een vergadering.
De rechtbank komt tot de conclusie dat de verzoeken van [verzoekster] worden afgewezen en de verklaringen voor recht die [verweerster 2] heeft verzocht, grotendeels worden toegewezen. [verzoekster] wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan de zijde van [verweerster 2].
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.




