VvErechtspraak.nl
Geen resultaten
Bekijk alle resultaten
  • VvE beheer
  • VvE-Incasso
  • Aansprakelijkheid bestuur
  • Procesrecht
  • Overlast en hinder
  • Onderhoud
  • Overige categorieën
    • Bestemming van het appartement
    • Diversen
    • Lekkage en andere schade
    • Rechtsgeldigheid VvE besluit
    • Verbouwingen
    • Verduurzaming
    • Verjaring in de VvE
    • Vervangende machtiging
    • Wijzigingen van de splitsingsakte
  • VvE beheer
  • VvE-Incasso
  • Aansprakelijkheid bestuur
  • Procesrecht
  • Overlast en hinder
  • Onderhoud
  • Overige categorieën
    • Bestemming van het appartement
    • Diversen
    • Lekkage en andere schade
    • Rechtsgeldigheid VvE besluit
    • Verbouwingen
    • Verduurzaming
    • Verjaring in de VvE
    • Vervangende machtiging
    • Wijzigingen van de splitsingsakte
Geen resultaten
Bekijk alle resultaten
VvErechtspraak.nl
Geen resultaten
Bekijk alle resultaten

ECLI:NL:RVS:2025:5995 weigering omgevingsvergunning 14 woningen Maastricht bevestigd

by VvERechstpraak.nl
11/12/2025
Reading Time: 2 mins read
A A
0

De zaak in het kort

Op 23 januari 2020 verleende het college van burgemeester en wethouders van Maastricht een omgevingsvergunning voor de verbouwing van een kantoorpand tot 24 zelfstandige woningen. Dit plan omvatte 10 woningen in het voorste pand en 14 woningen op het achterterrein. Na bezwaren van omwonenden herzag het college het besluit en verleende uiteindelijk enkel een vergunning voor de 10 woningen in het voorste pand. De omwonenden, waaronder [appellant], gingen in hoger beroep omdat zij vrezen dat de nieuwe woningen hun woon- en leefklimaat zullen aantasten.

Gerelateerde uitspraken

ECLI:NL:RBAMS:2025:8829 vernietiging besluit appartementsvergadering wegens gebrek aan redelijke grond

ECLI:NL:RBGEL:2025:11506 schadevergoeding afgewezen door fout bij contractpartij

ECLI:NL:RBAMS:2025:8669 vernietiging donorovereenkomst afgewezen, contactverbod opgelegd

Het verloop van het proces en de feiten

De oorspronkelijke vergunningaanvraag dateert van 28 september 2019, nog voordat de Omgevingswet op 1 januari 2024 in werking trad. Daarom wordt de zaak beoordeeld volgens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) zoals die vóór die datum gold. Het college verleende aanvankelijk een vergunning voor de volledige 24 woningen, maar herzag dit besluit na bezwaarschriften van omwonenden. Het herroepen van de vergunning voor de 14 woningen op het achterterrein was volgens het college nodig om een onaanvaardbare verslechtering van het woon- en leefklimaat te voorkomen.

De rechtbank Limburg oordeelde op 19 oktober 2022 dat het college terecht had gehandeld door de vergunning voor slechts 10 woningen te verlenen. De rechtbank vond dat de belangen van de omwonenden voldoende waren meegewogen en dat de locatie binnen een verstedelijkt gebied valt, waar wonen centraal staat. De omwonenden gingen hiertegen in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Tijdens de zitting bij de Raad van State op 23 september 2025 betoogden [appellant] en anderen dat de rechtbank onterecht heeft geoordeeld dat de vergunningverlening niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Zij stelden dat het gebruik van het kantoorpand voor bewoning de intensiteit van het gebruik onaanvaardbaar zou verhogen, waardoor hun woon- en leefklimaat zou worden aangetast.

De beslissing van de rechtbank

De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank Limburg. Zij oordeelde dat het college de omgevingsvergunning voor de 14 woningen op het achterterrein terecht had herroepen om nadelige gevolgen voor het woon- en leefklimaat te voorkomen. Het college had bij de heroverweging de belangen van de omwonenden voldoende betrokken en het oorspronkelijke bouwplan kon functioneel en bouwkundig worden opgesplitst. De rechtbank had terecht geoordeeld dat het verlenen van de vergunning voor de 10 woningen in het voorste pand niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening.

De Raad van State vond ook dat de rechtbank juist had geoordeeld dat het college niet verplicht was om draagvlak onder de omwonenden te inventariseren. Het ontbreken van draagvlak was volgens het college geen doorslaggevend criterium voor het verlenen van de vergunning. Bovendien stelde de Raad van State vast dat er geen evidente privaatrechtelijke belemmering was, omdat [appellant] en anderen geen eigenaar waren van de grond en het gebouw en ook geen lid waren van de Vereniging van Eigenaren.

Het hoger beroep van [appellant] en anderen werd dan ook ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Limburg bleef in stand. Het college van burgemeester en wethouders van Maastricht hoefde geen proceskosten te vergoeden.

ADVERTISEMENT

Lees de originele uitspraak hier.

Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.

ShareSendSend
Previous Post

ECLI:NL:OGEABES:2025:122 vordering opheffing blokkade buurweg Bonaire toegewezen

Next Post

ECLI:NL:GHAMS:2025:3280 WOZ-waarde woning in hoger beroep bevestigd

Gerelateerde uitspraken>>>

Bestemming van het appartement

ECLI:NL:RBAMS:2025:8829 vernietiging besluit appartementsvergadering wegens gebrek aan redelijke grond

01/01/2026
Bestemming van het appartement

ECLI:NL:RBGEL:2025:11506 schadevergoeding afgewezen door fout bij contractpartij

31/12/2025
Bestemming van het appartement

ECLI:NL:RBAMS:2025:8669 vernietiging donorovereenkomst afgewezen, contactverbod opgelegd

27/12/2025

VvErechtspraak.nl

  • Contact
  • Over ons

Bezoek ook eens

Nederlandvve

Alle rechten onder voorbehoud © 2025 VvE Rechtspraak.

Geen resultaten
Bekijk alle resultaten
  • VvE beheer
  • VvE-Incasso
  • Aansprakelijkheid bestuur
  • Procesrecht
  • Overlast en hinder
  • Onderhoud
  • Overige categorieën
    • Bestemming van het appartement
    • Diversen
    • Lekkage en andere schade
    • Rechtsgeldigheid VvE besluit
    • Verbouwingen
    • Verduurzaming
    • Verjaring in de VvE
    • Vervangende machtiging
    • Wijzigingen van de splitsingsakte

Alle rechten onder voorbehoud © 2025 VvE Rechtspraak.