De zaak in het kort
In deze rechtszaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Den Haag zich gebogen over een dispuut tussen een aantal leden van een Vereniging van Eigenaren (VvE) en de VvE zelf. De zaak draait om de vernietiging van meerdere besluiten die zijn genomen tijdens een algemene ledenvergadering van de VvE op 30 juni 2025. De verzoekers, bestaande uit een bedrijf en twee individuen, zijn van mening dat bepaalde besluiten in strijd zijn met redelijkheid en billijkheid en daarom vernietigd moeten worden. Deze besluiten betreffen onder andere de vaststelling van de jaarstukken en décharge van het bestuur, de benoeming van kascommissieleden, en de verdeling van bepaalde kosten binnen de VvE.
Het verloop van het proces en de feiten
De procedure begon met de indiening van een verzoekschrift door de verzoekers op 29 juli 2025. Hierin verzochten zij de kantonrechter om verschillende besluiten van de VvE te vernietigen. De stukken die de kantonrechter heeft ontvangen, omvatten onder andere het verzoekschrift met aanvullende producties en het verweerschrift van de VvE. Op 8 december 2025 vond een mondelinge behandeling plaats waarbij beide partijen hun standpunten nader hebben toegelicht.
Het conflict tussen de verzoekers en de VvE heeft betrekking op een complex dat is gesplitst in hoofd- en onderappartementen. De verzoekers zijn van rechtswege lid van de VvE en hebben bezwaren tegen besluiten die zijn genomen tijdens de algemene ledenvergadering. In deze vergadering zijn onder andere de jaarstukken over 2024 vastgesteld en is het bestuur décharge verleend. Ook zijn er besluiten genomen over de benoeming van kascommissieleden en het afsluiten van een vaststellingsovereenkomst met een aannemer.
De verzoekers stellen dat de benoeming van de kascommissieleden niet volgens de regels is verlopen, omdat een van de leden ook een bestuursfunctie bekleedde. Daarnaast hebben zij bezwaar tegen de financiële verslaglegging en de doorbelasting van kosten voor een extra vergadering en juridische bijstand.
De beslissing van de rechtbank.
De kantonrechter heeft de zaak uitvoerig beoordeeld en verschillende beslissingen genomen:
1. **Vernietiging van het besluit over de jaarstukken en décharge van het bestuur**: De kantonrechter heeft het besluit om de jaarstukken over 2024 vast te stellen en het bestuur décharge te verlenen vernietigd. Dit besluit is genomen zonder een geldig advies van de kascommissie, wat een gebrekkige totstandkoming inhoudt.
2. **Benoeming van de kascommissieleden blijft in stand**: Het verzoek om de benoeming van de kascommissieleden te vernietigen is afgewezen. De kantonrechter oordeelde dat er geen regels in het splitsingsreglement zijn die de benoeming van de leden verhinderen.
3. **Besluit over de vaststellingsovereenkomst met de aannemer blijft in stand**: De kantonrechter heeft het besluit om een vaststellingsovereenkomst met een aannemer te sluiten in stand gelaten. Het besluit is volgens de kantonrechter zorgvuldig tot stand gekomen, en er was voldoende gelegenheid voor de leden om zich hierover uit te spreken.
4. **Besluit over de advocaatkosten van verzoekers blijft in stand**: Het verzoek om de VvE te verplichten de advocaatkosten van [verzoekers sub 1] te vergoeden, is afgewezen. De verzoekers hebben onvoldoende aangetoond dat deze kosten namens de VvE zijn gemaakt.
5. **Vernietiging van het besluit over de kosten voor de extra vergadering**: De kantonrechter heeft het besluit om de kosten voor een extra vergadering door te belasten aan [verzoekers sub 1] vernietigd. Het is in strijd met de redelijkheid en billijkheid om deze kosten volledig op één lid te verhalen.
6. **Vernietiging van het besluit over de kosten voor juridisch advies**: Ook het besluit om de kosten voor juridisch advies over een bandopname door te belasten aan [verzoekers sub 2 en 3] is vernietigd. Het verhalen van deze kosten op individuele leden is in strijd met de redelijkheid en billijkheid.
7. **Afwijzing overige verzoeken**: Verzoeken die betrekking hebben op het HVG/AKD-traject en de aanstelling van een registeraccountant en VvE-jurist zijn afgewezen. Deze verzoeken vallen buiten de reikwijdte van de procedure.
Daarnaast is de VvE veroordeeld in de proceskosten, waarbij de kantonrechter heeft geoordeeld dat er geen grond is om de werkelijke proceskosten te vergoeden.
In het algemeen zijn de verzoekers grotendeels in het gelijk gesteld, wat resulteerde in de vernietiging van meerdere besluiten die zij betwisten. De kantonrechter benadrukt dat de besluiten van een VvE in redelijkheid en billijkheid genomen moeten worden en dat het niet correct is om kosten zonder goede reden op individuele leden te verhalen. De uitspraak onderstreept het belang van een juiste procedure bij het nemen van besluiten binnen een VvE.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.




