De zaak in het kort
In deze zaak hebben [eiser 1] en [eiser 2] de gedaagde, [gedaagde], voor de rechtbank Amsterdam gedaagd vanwege een geschil over de betaling van renovatiekosten aan een gebouw dat is opgesplitst in appartementsrechten. De eisers, beiden voormalige eigenaren van appartementen in hetzelfde gebouw, eisen dat [gedaagde] een bedrag van € 3.274,00 betaalt dat volgens hen voor zijn rekening komt als mede-eigenaar in de Vereniging van Eigenaars (VvE). De gedaagde betwist de vordering en stelt dat de eisers niet-ontvankelijk zijn, omdat de vordering door de VvE zelf had moeten worden ingesteld. De rechtbank onderzoekt of de eisers ontvankelijk zijn en wie verantwoordelijk is voor de kosten.
Het verloop van het proces en de feiten
Het pand aan de [adres 1] is opgesplitst in verschillende appartementsrechten. [gedaagde] bezit de bedrijfsruimte, terwijl [eiser 1] en [eiser 2] de bovenliggende woningen bezitten of bezaten. De hoofd VvE bestaat uit de bedrijfsruimte en de woningen, en er is een ondersplitsing VvE voor de woningen. Elk heeft een stem in de VvE-vergadering. In 1999 werd het splitsingsreglement gewijzigd om te bepalen dat bepaalde delen, zoals buitengevels en balkonconstructies, niet tot de gemeenschappelijke zaken behoren.
Op 11 februari 2025 stuurde [eiser 2] een e-mail naar de beheerder van [gedaagde] met een kostenoverzicht voor werkzaamheden aan het dak, de goten en andere zaken, waarbij [gedaagde] akkoord ging met de uitvoering. Tijdens de werkzaamheden werd echter houtrot ontdekt, wat tot extra kosten leidde. De totale kosten stegen van de oorspronkelijk begrote € 20.094,47 naar € 31.586,00. De eisers stelden dat een deel van deze kosten voor rekening van de hoofd VvE komt en claimen dat [gedaagde] zijn deel niet volledig heeft betaald.
De beslissing van de rechtbank
De rechtbank moest eerst beslissen of [eiser 1] en [eiser 2] ontvankelijk zijn in hun vordering. Normaal gesproken moet een VvE toestemming hebben van de vergadering om een gerechtelijke procedure te starten. In dit geval zou de stemming in de VvE waarschijnlijk staken, omdat [gedaagde] niet zou instemmen met een procedure tegen zichzelf. De rechtbank vond dat het onredelijk zou zijn om van de eisers te verlangen dat zij eerst een vergadering bijeenroepen en een vervangende machtiging vragen. Daarom zijn [eiser 1] en [eiser 2] ontvankelijk in hun vordering.
Vervolgens behandelde de rechtbank de vraag of de dakkapellen, onderdeel van de dakstructuur, tot de gemeenschappelijke delen van de VvE behoren. Volgens de splitsingsakte behoren dakkapellen tot het dak en niet tot de buitengevel, en zijn ze daarom gemeenschappelijk. Dit betekent dat [gedaagde] moet bijdragen aan de kosten van het herstel.
De rechtbank kon echter nog geen definitieve uitspraak doen over het totale gevorderde bedrag, omdat [eiser 1] en [eiser 2] onvoldoende bewijs hadden geleverd voor de specifieke kostenposten, zoals de huur van de steiger en de werkzaamheden van de timmerman. De eisers kregen de gelegenheid om hun vordering nader te onderbouwen met facturen en andere stukken. De zaak werd verwezen naar een volgende rolzitting voor verdere toelichting, waarna [gedaagde] kan reageren.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.




