VvErechtspraak.nl
Geen resultaten
Bekijk alle resultaten
  • VvE beheer
  • VvE-Incasso
  • Aansprakelijkheid bestuur
  • Procesrecht
  • Overlast en hinder
  • Onderhoud
  • Overige categorieën
    • Bestemming van het appartement
    • Diversen
    • Lekkage en andere schade
    • Rechtsgeldigheid VvE besluit
    • Verbouwingen
    • Verduurzaming
    • Verjaring in de VvE
    • Vervangende machtiging
    • Wijzigingen van de splitsingsakte
  • VvE beheer
  • VvE-Incasso
  • Aansprakelijkheid bestuur
  • Procesrecht
  • Overlast en hinder
  • Onderhoud
  • Overige categorieën
    • Bestemming van het appartement
    • Diversen
    • Lekkage en andere schade
    • Rechtsgeldigheid VvE besluit
    • Verbouwingen
    • Verduurzaming
    • Verjaring in de VvE
    • Vervangende machtiging
    • Wijzigingen van de splitsingsakte
Geen resultaten
Bekijk alle resultaten
VvErechtspraak.nl
Geen resultaten
Bekijk alle resultaten

ECLI:NL:RBDHA:2026:8357 kort geding over geldlening voor verbouwing

by VvERechstpraak.nl
18/04/2026
Reading Time: 2 mins read
A A
0

De zaak in het kort

In een kort geding voor de rechtbank Den Haag heeft eiseres, eigenaresse van een appartement, een geschil met Albever Holding B.V. over een geldlening voor de verbouwing van haar nieuw aangekochte appartement. De eiseres heeft een lening van Albever Holding ontvangen voor de aankoop van het appartement, maar er is onenigheid ontstaan over een aanvullende lening voor de verbouwing. De rechter moest beslissen of er een bindende mondelinge overeenkomst was voor deze aanvullende lening.

Gerelateerde uitspraken

ECLI:NL:RBGEL:2025:11559 huurverlaging wegens gebreken in woning

ECLI-nummer onbekend: overzicht van het Nederlandse rechtssysteem en publicatie van uitspraken

ECLI:NL:RBMNE:2025:4698 handhaaft WOZ-waarde van appartement

Het verloop van het proces en de feiten

De procedure begon met een dagvaarding door de eiseres op 6 maart 2026. De eiseres woont in een appartement met haar drie kinderen en had een nieuw appartement gekocht dat gefinancierd werd door een hypothecaire lening van Albever Holding. Er was een initieel bedrag van €1.150.000,- geleend, maar in de hypotheekakte was er ruimte voor een extra lening tot €1.350.000,-.

De eiseres en de bestuurder van Albever Holding, met wie zij kort een affectieve relatie had, hadden plannen voor de verbouwing van het nieuwe appartement. Er werd een offerte opgesteld en de verbouwing zou beginnen in januari 2026. De bestuurder gaf aanvankelijk de opdracht aan de aannemer voor de verbouwing. Echter, na het beëindigen van de affectieve relatie trok de bestuurder zich terug en weigerde de extra lening voor de verbouwing te verstrekken. De verbouwing kwam stil te liggen en het appartement was daardoor niet bewoonbaar of verkoopbaar.

De eiseres stelde dat er sprake was van een mondelinge overeenkomst voor een aanvullende lening van €125.000,- of minimaal €100.000,- voor de verbouwing. Albever Holding betwistte dit en stelde dat er geen bindende overeenkomst was, omdat de eiseres nooit de schriftelijke leningsvoorstellen had ondertekend.

De beslissing van de rechtbank

De voorzieningenrechter oordeelde dat er voldoende aannemelijkheid was dat er een mondelinge overeenkomst tot stand was gekomen voor de aanvullende lening voor de verbouwing. Dit baseerde de rechter op de gedragingen en verklaringen van de bestuurder van Albever Holding die actief betrokken was bij de verbouwingsplannen en de aannemer had geïnstrueerd. De rechter vond dat de eiseres redelijkerwijs mocht vertrouwen op de toezegging van Albever Holding om de aanvullende lening te verstrekken.

De rechtbank wees de primaire vordering van €125.000,- af, maar kende de subsidiaire vordering van €100.000,- toe. Albever Holding werd veroordeeld om binnen drie dagen na ondertekening van de leningsovereenkomst door de eiseres, het bedrag van €100.000,- beschikbaar te stellen. Een dwangsom van €1.000,- per dag werd opgelegd indien Albever Holding hieraan niet zou voldoen, met een maximum van €100.000,-.

Ten aanzien van de proceskosten, besloot de voorzieningenrechter dat beide partijen hun eigen kosten moesten dragen. De uitspraak werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard, wat betekent dat de beslissing onmiddellijk ten uitvoer kan worden gelegd, ondanks een eventueel hoger beroep.

ADVERTISEMENT

Lees de originele uitspraak hier.

Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.

ShareSendSend
Previous Post

ECLI:NL:RBAMS:2026:3723 VvE-geschil over kosten dakrenovatie

Next Post

ECLI:NL:RBGEL:2025:11953 Achmea versus VVE om waterschade dekking

Gerelateerde uitspraken>>>

Procesrecht

ECLI:NL:RBGEL:2025:11559 huurverlaging wegens gebreken in woning

17/01/2026
Procesrecht

ECLI-nummer onbekend: overzicht van het Nederlandse rechtssysteem en publicatie van uitspraken

20/11/2025
Procesrecht

ECLI:NL:RBMNE:2025:4698 handhaaft WOZ-waarde van appartement

15/09/2025

VvErechtspraak.nl

  • Contact
  • Over ons

Bezoek ook eens

Nederlandvve

Alle rechten onder voorbehoud © 2025 VvE Rechtspraak.

Geen resultaten
Bekijk alle resultaten
  • VvE beheer
  • VvE-Incasso
  • Aansprakelijkheid bestuur
  • Procesrecht
  • Overlast en hinder
  • Onderhoud
  • Overige categorieën
    • Bestemming van het appartement
    • Diversen
    • Lekkage en andere schade
    • Rechtsgeldigheid VvE besluit
    • Verbouwingen
    • Verduurzaming
    • Verjaring in de VvE
    • Vervangende machtiging
    • Wijzigingen van de splitsingsakte

Alle rechten onder voorbehoud © 2025 VvE Rechtspraak.