In een geschil tussen een Vereniging van Eigenaars (VvE) in ‘s-Gravenhage en enkele appartementseigenaren heeft het Gerechtshof Amsterdam een belangrijk VvE-besluit vernietigd. Dit besluit betrof de definitieve toestemming voor het splitsen van een bedrijfsruimte en het realiseren van dakopbouwen met dakterrassen. Enkele eigenaren waren het hier niet mee eens en vochten het besluit aan, wat leidde tot een juridische procedure die uiteindelijk bij het Gerechtshof Amsterdam terechtkwam. Het hof moest oordelen over de geldigheid van het VvE-besluit.
Oorspronkelijke goedkeuring en bezwaar
De zaak begon met een beschikking van de rechtbank Den Haag op 24 november 2022, waarin het VvE-besluit werd goedgekeurd. Enkele eigenaren gingen hiertegen in hoger beroep bij het gerechtshof Den Haag, dat op 5 september 2023 een beschikking gaf die in hun nadeel was. Hierop gingen zij in cassatie bij de Hoge Raad, die de beschikking van het gerechtshof Den Haag vernietigde en de zaak doorverwees naar het Gerechtshof Amsterdam.
Argumenten en bewijsstukken
Op 6 augustus 2025 werd de zaak opnieuw behandeld bij het Gerechtshof Amsterdam. Tijdens de mondelinge behandeling op 10 maart 2026 presenteerden de advocaten van beide partijen hun argumenten. Er werden nieuwe stukken ingebracht, waaronder een geluidsmeting en een bouwkundig rapport, die de impact van de dakopbouw moesten verduidelijken. Het hof stelde vast dat alle belanghebbenden waren opgeroepen om hun standpunten te presenteren.
Uitspraak Gerechtshof Amsterdam
Het Gerechtshof Amsterdam besloot de beschikking van de kantonrechter in de rechtbank Den Haag te vernietigen. Het hof verklaarde het VvE-besluit van 28 februari 2022, dat toestemming gaf voor het splitsen van de bedrijfsruimte en het realiseren van dakopbouwen, nietig. Het verzoek om een vervangende machtiging voor de wijziging van de splitsingsakte werd afgewezen. Het hof woog mee dat na de uitspraak van het gerechtshof Den Haag nog twee eigenaren zich tegen de dakopbouw hadden uitgesproken. De ingebrachte stukken, waaronder de geluidsmeting en het bouwkundig rapport, boden volgens het hof onvoldoende duidelijkheid over de situatie tijdens en na de realisatie van de dakopbouw.
Verdeling van proceskosten
Het hof besloot de proceskosten te compenseren, wat inhoudt dat elke partij haar eigen kosten moest dragen. Hiermee kwam een einde aan een complexe juridische procedure waarin zowel feitelijke als juridische aspecten uitgebreid werden beoordeeld.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:GHAMS:2026:1539
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




