In een appartementencomplex in Amsterdam ontstond een geschil over de onderhoudskosten van een dakterras met dakopbouw. De centrale vraag was of de eigenaren van het appartement, de verzoekers, of de Vereniging van Eigenaars (VvE) verantwoordelijk was voor deze kosten. De kantonrechter oordeelde dat de onderhoudskosten van het dakterras en de dakopbouw voor rekening van de verzoekers komen.
Verloop en achtergrond van het geschil
Het gebouw werd in 1990 gesplitst in acht appartementsrechten, waarbij de splitsingsakte het Modelreglement van 1983 van toepassing verklaarde. In de jaren ’90 werd op kosten van een voormalige eigenaar een dakterras en dakopbouw gerealiseerd boven het appartement van de verzoekers. In 2010 werd de splitsingsakte gewijzigd, waarin werd vastgelegd dat eigenaren verantwoordelijk zijn voor onderhoudskosten van bepaalde gedeelten, waaronder het dakterras.
In november 2024 vond een algemene ledenvergadering van de VvE plaats. Tijdens deze vergadering werden besluiten genomen zonder aanwezigheid van de verzoekers. Achteraf bleek dat er geen omgevingsvergunning voor de dakopbouw en het dakterras was, wat leidde tot een handhavingsverzoek bij de gemeente.
Argumenten van de verzoekers
De verzoekers stelden dat de dakopbouw en het dakterras al sinds de jaren ’90 bestonden en dat de nieuwe bepalingen in de splitsingsakte niet op hun situatie van toepassing waren. Daarnaast wilden zij dat de VvE voor de onderhoudskosten zou opdraaien en verzochten zij de rechtbank om de VvE-besluiten te vernietigen en hen een geldbedrag toe te kennen voor de gemaakte kosten.
Verweer van de VvE
De VvE voerde aan dat de splitsingsakte duidelijk was over de verantwoordelijkheid van de verzoekers voor de onderhoudskosten. De VvE stelde dat deze bepalingen ook voor de bestaande dakopbouw en het dakterras gelden. Bovendien beweerde de VvE dat de verzoekers zonder toestemming wijzigingen hadden aangebracht, zoals het plaatsen van een verhoogd hek en vlonders, en dat zij geen toegang verleenden tot het dakterras.
Uitspraak van de kantonrechter
De kantonrechter oordeelde dat de verzoekers verantwoordelijk zijn voor de onderhoudskosten van het dakterras en de dakopbouw. De rechter benadrukte dat de bepalingen in de splitsingsakte, gebaseerd op het profijtbeginsel, van toepassing zijn. Dit houdt in dat degenen die baat hebben bij een voorziening, ook de lasten moeten dragen. Daarom moeten de verzoekers de kosten dragen, terwijl de VvE verantwoordelijk is voor de gemeenschappelijke gedeelten van het dak.
Verder werden de verzoeken tot vernietiging van de VvE-besluiten afgewezen, omdat de VvE deze besluiten redelijkerwijs kon nemen. De geldvordering van de verzoekers werd afgewezen omdat de procedure daar niet geschikt voor was en de hoogte van de VvE-bijdrage nog niet vastgesteld kon worden. De kantonrechter veroordeelde de verzoekers tot het betalen van de proceskosten van de VvE.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBAMS:2025:5891
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




