In deze zaak stond een geschil centraal tussen [verzoeker] B.V. en de Vereniging van Eigenaars (VvE) van een flatgebouw in Heemskerk. Het conflict draaide om de verdeling van gemeenschappelijke kosten en de vaststelling van de maandelijkse bijdragen voor 2024. [verzoeker] vond dat de kosten oneerlijk verdeeld waren en vroeg de rechtbank om de besluiten van de VvE te vernietigen. De kantonrechter oordeelde echter dat de besluiten in overeenstemming waren met de splitsingsakte en de wet, waardoor het verzoek werd afgewezen.
Verzoek om vernietiging van VvE-besluiten
[verzoeker] B.V. diende een verzoekschrift in bij de Rechtbank Noord-Holland om de besluiten van de VvE-vergadering van 8 april 2024 te vernietigen of nietig te verklaren. Het verzoek was gebaseerd op artikel 5:121 BW. De zaak werd doorgestuurd naar de kantonrechter in Amsterdam. [verzoeker] was van mening dat de kostenverdeling onjuist en onredelijk was, omdat zij ook moest bijdragen aan voorzieningen die zij niet gebruikte.
Argumenten voor alternatieve kostenverdeling
Tijdens de zitting op 14 januari 2025 stelde [verzoeker] een alternatieve begroting voor. De VvE wees dit voorstel af, omdat het in strijd zou zijn met de splitsingsakte. De VvE stelde dat de huidige kostenverdeling correct was en in overeenstemming met de akte van splitsing was opgesteld.
Uitspraak van de kantonrechter
De kantonrechter oordeelde dat de besluiten van de VvE niet nietig of vernietigbaar waren. De begroting was conform de splitsingsakte en er was geen strijd met wettelijke of statutaire bepalingen. Ook was er geen sprake van onredelijkheid of strijd met de redelijkheid en billijkheid. Daarom bleven de besluiten in stand.
Afwijzing van verzoek om herziening bijdragen
Het verzoek van [verzoeker] om de hoogte van de (voorschot)bijdragen vast te stellen werd afgewezen. De besluiten waren niet nietig en zouden niet worden vernietigd. De kantonrechter benadrukte dat [verzoeker] volgens haar breukdeel in de gemeenschappelijke kosten moest bijdragen, zoals bepaald in de splitsingsakte.
Vergoeding proceskosten VvE
Tot slot veroordeelde de kantonrechter [verzoeker] in de proceskosten, aan de zijde van de VvE begroot op € 542,00. Dit bedrag diende binnen veertien dagen na aanschrijving betaald te worden. Hiermee kwam een einde aan het geschil over de verdeling van de gemeenschappelijke kosten binnen de VvE.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBAMS:2025:865
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




