De zaak in het kort
De essentie van de zaak betreft een geschil binnen een Vereniging van Eigenaars (VvE) over de verantwoordelijkheden voor het onderhoud van bepaalde ramen en schuifpuien in een appartementencomplex. [appellanten], eigenaren van een appartement in het complex, stelden dat de besluiten van de VvE om het onderhoud van deze elementen onder haar verantwoordelijkheid te brengen, nietig of vernietigbaar waren. Zij argumenteerden dat deze besluiten in strijd waren met de wet, het splitsingsreglement en met de eisen van redelijkheid en billijkheid, omdat de ramen en schuifpuien geen deel uitmaakten van hun appartement. De kantonrechter had de verzoeken van [appellanten] eerder afgewezen, en het Gerechtshof Amsterdam bekrachtigde deze beslissing, daarmee de oorspronkelijke beschikking handhavend.
Het verloop van het proces en de feiten
De procedure begon met een verzoekschrift van [appellanten] op 13 januari 2025, waarin zij de kantonrechter verzochten om de besluiten van de VvE nietig of vernietigbaar te verklaren. De VvE bestreed dit verzoek en verzocht subsidiair om een verklaring dat de PH-ramen als gemeenschappelijke zaken moeten worden aangemerkt. De kantonrechter oordeelde dat de onderdelen waarop de besluiten betrekking hebben, op grond van de splitsingsakte als gemeenschappelijk moesten worden beschouwd, en wees het verzoek van [appellanten] af.
In hoger beroep voerden [appellanten] zes grieven aan tegen de beschikking van de kantonrechter. Zij wijzigden hun verzoeken en verzochten het hof om de besluiten alsnog nietig te verklaren of te vernietigen. De VvE diende een verweerschrift in en kwam met een tegenverzoek. Op 5 maart 2026 vond een mondelinge behandeling plaats waarbij beide partijen hun standpunten toelichtten.
Het hof stelde vast dat [appellanten] eigenaar zijn van een appartementsrecht dat recht geeft op het uitsluitend gebruik van een woning, en dat zij uit dien hoofde lid zijn van de VvE. Het appartementsrecht is ontstaan door een reeks van splitsingen, waarbij de gemeenschappelijke en privé-elementen in de splitsingsreglementen zijn vastgelegd. De besluiten van de VvE betroffen de verantwoordelijkheid voor het onderhoud van PH-ramen, aluminium schuiframen en schuifpuien, welke onderdelen volgens de VvE als gemeenschappelijk moesten worden aangemerkt.
De beslissing van de rechtbank
Het hof moest beslissen of de door de VvE aangenomen verdeling van de onderhoudsverplichtingen in strijd was met het splitsingsreglement. Het hof oordeelde dat de ramen en schuifpuien in hun geheel gemeenschappelijk zijn, en dat het onderhoud daarvan in beginsel de verantwoordelijkheid van de VvE is. Het hof was van oordeel dat de in de besluiten van de VvE neergelegde verdeling van de onderhoudsverplichtingen in overeenstemming was met het splitsingsreglement.
Het hof overwoog ook dat de besluiten van de VvE niet strijdig waren met de redelijkheid en billijkheid, aangezien zij slechts het bevestigen van onderhoudsverplichtingen inhielden die reeds uit het splitsingsreglement voortvloeiden. Het feit dat de besluiten impliceerden dat eigenaren zonder PH-ramen, aluminium schuiframen of schuifpuien moesten bijdragen aan het onderhoud van die ramen en schuifpuien van anderen, was geen reden om anders te oordelen.
Ten aanzien van de totstandkoming van de besluiten vond het hof geen gebreken die tot nietigheid of vernietigbaarheid zouden leiden. Het hof bekrachtigde daarom de beschikking van de kantonrechter en veroordeelde [appellanten] in de kosten van het hoger beroep. De VvE werd niet-ontvankelijk verklaard in haar in hoger beroep voor het eerst gedane verzoek, omdat de betrokken VvE III geen partij was in het geding.
Kortom, het hof bevestigde dat de VvE terecht het onderhoud van de ramen en schuifpuien als haar verantwoordelijkheid had aangemerkt, in overeenstemming met de bepalingen van de splitsingsakte, en dat de besluiten van de VvE daarmee rechtsgeldig waren.
Lees de originele uitspraak hier.
Disclaimer: Deze samenvatting is automatisch gegenereerd en kan daardoor fouten bevatten.
Raadpleeg altijd de originele uitspraak.




