In deze zaak stond een besluit van de Vereniging van Eigenaren (VvE) centraal. Drie appartementseigenaren verzochten om nietigverklaring of vernietiging van dit besluit, waarin de VvE een vrijwillige bijdrage vroeg om een financieel tekort te dekken. De eigenaren waren van mening dat het besluit in strijd was met het splitsingsreglement en de redelijkheid en billijkheid. De rechtbank oordeelde dat er geen rechtsgeldig besluit was genomen, omdat het voorstel geen rechtsgevolg had. Het verzoek van de appartementseigenaren werd daarom afgewezen.
Achtergrond van het geschil
Het conflict ontstond nadat duidelijk werd dat de VvE jarenlang servicekosten op een onjuiste manier had verdeeld. In strijd met de splitsingsakte werden de kosten gelijkelijk in plaats van naar rato van de breukdelen verdeeld. In 2020 werd deze fout hersteld, maar er ontstond een financieel tekort van € 12.877 doordat de VvE eigenaren had gecompenseerd voor te veel betaalde servicekosten.
Besluit over vrijwillige bijdrage
Tijdens een vergadering op 27 augustus 2025 stelde de VvE voor dat huidige appartementseigenaren vrijwillig zouden bijdragen om het tekort te dekken. Dit voorstel werd aangenomen met een meerderheid van stemmen. De bestuurssecretaris benadrukte dat het om een vrijwillige bijdrage ging en niet om een incasso. De verzoekers stelden dat dit besluit neerkwam op een impliciete kwijtschelding voor andere eigenaren en in strijd was met de splitsingsakte en redelijkheid en billijkheid.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank moest beoordelen of het besluit een rechtsgevolg had. Volgens artikel 2:14 en 2:15 BW vereist een rechtsgeldig besluit dat er een rechtshandeling is die een rechtsgevolg beoogt. De kantonrechter concludeerde dat het voorstel geen rechtsgevolg had, omdat er geen betalingsverplichting ontstond en er geen incasso-instructie was gegeven aan het bestuur.
Afwijzing van het verzoek
De kantonrechter oordeelde dat er geen sprake was van impliciete kwijtschelding. De keuze om alleen huidige eigenaren aan te spreken voor een vrijwillige bijdrage was een praktische invorderingsbeslissing en geen rechtshandeling die de vorderingen van de VvE op andere eigenaren zou tenietdoen. Aangezien het besluit geen rechtsgevolg had, werd het verzoek om nietigverklaring of vernietiging afgewezen. De verzoekers werden veroordeeld in de proceskosten van de VvE, begroot op € 576,00.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBGEL:2026:3765
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




