In een zaak tussen een bewoner van een seniorenflat en de Vereniging van Eigenaars (VvE) heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden recentelijk uitspraak gedaan. De VvE had besloten om de bewoner het gebruiksrecht van zijn appartement te ontzeggen vanwege herhaaldelijk overlastgevend gedrag. De bewoner, aangeduid als [appellant], vocht dit besluit aan en zocht vernietiging of nietigverklaring. Na een eerdere afwijzing door de kantonrechter, ging [appellant] in hoger beroep. Het gerechtshof bekrachtigde echter de eerdere beslissing, waardoor de ontzegging van kracht bleef.
Redenen voor de ontzegging van het gebruiksrecht
[appellant] huurde sinds mei 2021 een appartement in een seniorenflat beheerd door een VvE, die is opgericht bij de splitsingsakte van 1988. Hierop is het Modelreglement 1983 van toepassing, waarin staat dat de VvE het gebruiksrecht kan ontzeggen bij onbehoorlijk gedrag.
In oktober 2022 kreeg [appellant] een waarschuwing na een incident. Tijdens een ledenvergadering in maart 2023 werd de overlast besproken, en de VvE besloot de situatie te blijven monitoren. Een ernstig incident in juli 2024, waarbij [appellant] een andere bewoner met een mes zou hebben bedreigd, leidde tot een formele waarschuwing. Uiteindelijk besloot de VvE in september 2024 om [appellant] het gebruiksrecht te ontzeggen, waardoor hij binnen een maand het appartement moest verlaten.
Bezwaren van de bewoner
[appellant] verzocht de kantonrechter om het besluit te vernietigen of nietig te verklaren, maar zijn verzoek werd afgewezen. In hoger beroep voerde hij vijf grieven aan:
- De ontvangst van het besluit
- Het vereiste quorum voor het besluit
- De correcte aanbieding van de oproepingsbrief
- De totstandkoming van het waarschuwingsbesluit
- De redelijkheid en billijkheid van het ontzeggingsbesluit
Oordeel van het gerechtshof
Het hof verwierp alle grieven van [appellant]. Cruciaal was dat de VvE volgens het hof in redelijkheid tot het ontzeggingsbesluit had kunnen komen. De ontvangst van het besluit werd erkend door [appellant], waardoor deze grief geen verdere bespreking behoefde. Het vereiste quorum tijdens de vergadering was behaald, en de oproepingsbrief was correct aangeboden. De waarschuwingsbrief was volgens het hof voor risico van [appellant] niet afgehaald, waardoor deze grief niet kon leiden tot vernietiging. Het hof oordeelde dat het besluit niet in strijd was met redelijkheid en billijkheid; de belangen van de VvE en medebewoners wogen zwaarder dan die van [appellant].
Uitspraak en gevolgen
Het hof bekrachtigde de beschikking van de kantonrechter en veroordeelde [appellant] in de kosten van het hoger beroep. De proceskostenveroordeling werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard, wat betekent dat deze direct kan worden uitgevoerd, zelfs als [appellant] in cassatie zou gaan bij de Hoge Raad.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:GHARL:2025:6388
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




