In een zaak voor de rechtbank Amsterdam stond een appartementseigenaar tegenover de Vereniging van Eigenaren (VvE) vanwege ernstige lekkages in zijn badkamer. De VvE eiste dat de eigenaar, hierna [gedaagde], de noodzakelijke herstelwerkzaamheden zou uitvoeren om verdere schade te voorkomen. Ook vroeg de VvE om een schadevergoeding voor de kosten die waren gemaakt om de lekkages te onderzoeken en te verhelpen. De rechtbank heeft de eisen van de VvE grotendeels toegewezen.
Oorzaak van de lekkage
Het conflict begon toen de VvE sinds 2020 meerdere onderzoeken liet uitvoeren naar de oorzaak van terugkerende lekkages in het gebouw. Rapporten van lekdetectiebedrijven en schade-experts bevestigden dat de badkamer van [gedaagde] ernstige gebreken vertoonde, zoals verouderde leidingen en niet-waterdichte voegen. Deze gebreken veroorzaakten schade aan zowel het appartement van [gedaagde] als aan gemeenschappelijke delen van het gebouw.
Standpunten van partijen
De VvE had [gedaagde] herhaaldelijk verzocht om de badkamer te repareren, maar hier was geen gehoor aan gegeven. [gedaagde] voerde aan dat hij de badkamer sinds 2019 niet meer gebruikte vanwege zijn werk en dat persoonlijke problemen hem hadden verhinderd om op de verzoeken van de VvE te reageren. De VvE stelde tijdens de mondelinge behandeling dat de lekkages een veiligheidsrisico vormden voor het gebouw en dat [gedaagde] verplicht was om zijn badkamer te herstellen.
Uitspraak van de rechtbank
De rechtbank oordeelde dat [gedaagde] verantwoordelijk was voor het onderhoud van zijn badkamer. Hij moest de noodzakelijke herstelwerkzaamheden uitvoeren om verdere schade te voorkomen. De rechtbank gaf [gedaagde] 30 dagen de tijd voor de reparaties en legde een dwangsom op van € 100,00 per dag indien hij dit niet deed, met een maximum van € 10.000,00.
Schadevergoeding en proceskosten
Daarnaast werd [gedaagde] veroordeeld om een schadevergoeding van € 8.233,53 aan de VvE te betalen voor de gemaakte kosten rond de lekkages, waaronder lekdetectie en extra werkzaamheden van de beheerder. De rechtbank kende ook € 786,68 toe voor buitengerechtelijke kosten. Verder werd [gedaagde] veroordeeld in de proceskosten, die werden begroot op € 1.610,21.
Toegang tot de woning
Wat betreft de toegang tot de woning voor herstelwerkzaamheden, oordeelde de rechtbank dat deze kwestie in een aparte verzoekschriftprocedure behandeld moest worden. De rechtbank verklaarde het vonnis uitvoerbaar bij voorraad, wat betekent dat het onmiddellijk ten uitvoer kan worden gelegd, ook als er hoger beroep wordt aangetekend.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBAMS:2025:11437
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




