De zaak draaide om een geschil tussen een appartementseigenaar en de Vereniging van Eigenaars (VvE) van zijn complex. De eigenaar had zonder toestemming van de VvE de kozijnen aan de achterkant van zijn appartement vervangen en wilde later dat de VvE de kosten hiervan zou vergoeden. Toen de VvE dit weigerde, stapte de eigenaar naar de rechter. De kantonrechter oordeelde echter dat de VvE niet hoefde te betalen en wees het verzoek van de eigenaar af.
Kozijnvervanging zonder toestemming
In april 2022 verving de appartementseigenaar de kozijnen van zijn appartement zonder voorafgaande toestemming van de VvE. Later, in 2024, verving de VvE de kozijnen van de overige appartementen, waarvoor alle leden, inclusief de eigenaar, een extra bijdrage betaalden. De eigenaar wilde dat de VvE ook zijn eerdere kosten zou vergoeden, maar de VvE weigerde dit tijdens een vergadering in april 2025.
Eigenaar vraagt om vernietiging van VvE-besluit
De eigenaar diende op 30 mei 2025 een verzoekschrift in bij de kantonrechter om het besluit van de VvE te vernietigen en om een vervangende machtiging te krijgen voor de kostenvergoeding. Hij stelde dat het besluit in strijd was met het reglement en de redelijkheid en billijkheid. Hij voelde zich ongelijk behandeld omdat de VvE later wel soortgelijke kosten voor andere appartementen vergoedde.
Rechter oordeelt over redelijkheid VvE-besluit
De kantonrechter moest beoordelen of het besluit van de VvE vernietigbaar was en of de eigenaar recht had op een vervangende machtiging. De rechter oordeelde dat er geen strijd was met het reglement of de redelijkheid en billijkheid. Het besluit was volgens de regels en met de benodigde meerderheid van stemmen genomen, en de VvE had redelijk gehandeld.
- De eigenaar had geen juiste procedure gevolgd en geen vervangende machtiging aangevraagd.
- Het was onwaarschijnlijk dat de VvE destijds met zijn voorstel had ingestemd vanwege beperkte middelen.
- De VvE wilde geen precedent scheppen en wees erop dat andere eigenaren ook zelf hun kozijnen hadden betaald.
Geen vervangende machtiging voor kostenvergoeding
De kantonrechter vond dat de eigenaar niet eerst om toestemming had gevraagd voor de vervanging, wat wel vereist was. Zelfs als het verzoek als een terugwerkende kracht werd gezien, was de VvE gerechtigd de toestemming te weigeren. Er was geen mogelijkheid om de noodzaak en de redelijkheid van de kosten te controleren. De verzoeken van de eigenaar werden afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten, begroot op € 814,-. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBROT:2025:12023
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




