De rechtbank Rotterdam heeft op 8 mei 2025 een verzoek van een appartementseigenaar afgewezen om inzage te krijgen in de administratie van de Vereniging van Eigenaars (VvE) in Vlaardingen. De eigenaar had de documentatie opgevraagd om haar standpunten in een lopende hoofdzaak te onderbouwen. De rechter oordeelde dat het verzoek onvoldoende concreet was en meer leek op een ‘fishing expedition’.
Het inzageverzoek en de achtergrond
De zaak begon met een verzoek van de eigenaar in februari 2025 om inzage in de administratie van de VvE. De VvE beheert een gebouw met 54 appartementen, waarvan de eigenaar sinds november 2020 een ruimte in het souterrain bezit. De huidige bestuurders van de VvE zijn sinds 2006 en 2007 actief.
Tijdens een zitting op 17 april 2025 werd het inzageverzoek besproken samen met een kort geding. Er werd een week uitstel verleend voor een minnelijke regeling, maar partijen kwamen niet tot overeenstemming. De eigenaar paste daarop haar verzoek aan.
De VvE’s verweer tegen het verzoek
De VvE voerde aan dat het verzoek te omvangrijk en onevenredig was. Het leek vooral bedoeld om het bestuur te overbelasten. Bovendien beschikte de eigenaar al over enkele documenten en was de VvE bereid om inzage te geven in andere, zolang deze geen privacygevoelige informatie bevatten.
Afwijzing door de kantonrechter
De kantonrechter wees het inzageverzoek af. Hoewel de eigenaar als lid van de VvE recht heeft op bepaalde informatie, had zij niet voldoende aangetoond waarom de gevraagde documenten relevant waren voor haar juridische positie. Het verzoek was te algemeen en niet goed afgebakend.
De rechter benadrukte dat een inzageverzoek niet gebruikt mag worden om zonder duidelijk doel informatie te vergaren. De eigenaar had niet voldaan aan de eisen van bepaalbaarheid en relevantie. Het verzoek leek meer op een poging tot overbelasting van de VvE.
Gevolgen en verdere stappen
De rechtbank stelde dat de eigenaar kosten zou moeten maken voor de inzage, maar omdat de VvE al bereid was om documenten ter inzage aan te bieden, werd verder overleg aangemoedigd. Dit was in lijn met hun doorlopende relatie als eigenaar en VvE.
De kantonrechter veroordeelde de eigenaar in de proceskosten, die nihil werden begroot, omdat de VvE geen extra kosten had gemaakt. De hoofdzaak zou verder worden behandeld op 19 mei 2025.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBROT:2025:5689
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.



