In een geschil voor de rechtbank Rotterdam stond Fit Boxing Rotterdam B.V. tegenover Brick Finance B.V., Berlage Vastgoedfonds I C.V., Coeur du Sud B.V. (CdS), en de Vereniging van Eigenaars (VvE) van een gebouw in Rotterdam. Fit Boxing had problemen met hun gehuurde bedrijfsruimte, zoals lekkages en toegangsproblemen, en beschuldigde de verhuurders van contractbreuk. Ze eisten een huurprijsvermindering en een schadevergoeding. De rechtbank stond toe dat andere partijen in vrijwaring werden opgeroepen, omdat zij mogelijk verantwoordelijk waren voor de schade.
Problemen met de bedrijfsruimte
Fit Boxing huurde een bedrijfsruimte in het souterrain van een gebouw dat ook een zwembad bevat. Dit gebouw bestaat uit twee appartementen, waarbij Brick Finance de juridisch eigenaar is en Berlage de economisch eigenaar van het appartement waar Fit Boxing is gevestigd. Er ontstonden lekkages en toegangskwesties, waarvan Fit Boxing beweerde dat deze veroorzaakt werden door water vanuit de kelder van CdS, via een gemeenschappelijke muur beheerd door de VvE.
Verzoeken om vrijwaring
Brick Finance en Berlage stelden dat de lekkages het gevolg waren van problemen in een ruimte van CdS en vroegen om CdS en de VvE in vrijwaring op te roepen. Ze wilden ook Hart van Zuid VOF en haar vennoten Ballast Nedam Bouw & Ontwikkeling Speciale Projecten B.V. en Heijmans Utiliteit B.V. in vrijwaring oproepen, gezien hun betrokkenheid bij renovaties. CdS vroeg op haar beurt om vrijwaring van Brick Finance, Berlage, en de VvE, omdat ze meende dat zij het grootste deel van de schade moesten dragen.
Toestemming voor vrijwaring verleend
De kantonrechter oordeelde dat de verzoeken tot vrijwaring gegrond waren. Zowel Brick Finance en Berlage als CdS toonden voldoende aan dat, als zij in de hoofdzaak aansprakelijk gesteld worden, de andere betrokken partijen mogelijk de kosten moeten dragen. De rechter verleende toestemming om alle genoemde partijen in vrijwaring op te roepen voor een rolzitting op 16 september 2025.
Afhandeling van de proceskosten
De kantonrechter besliste dat alle partijen hun eigen proceskosten in het vrijwaringsincident moeten dragen. Dit betekent dat er geen kostenvergoedingen tussen partijen nodig zijn in dit stadium. De hoofdzaak en de vrijwaringszaak zullen gezamenlijk tijdens een zitting besproken worden, waarbij verdere inhoudelijke reacties verwacht worden.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBROT:2025:9489
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




