Een Vereniging van Eigenaars (VvE) heeft een rechtszaak aangespannen tegen Jawel Bouw B.V. vanwege vermeende gebreken na een verbouwing. De VvE eiste schadevergoeding, maar de rechtbank wees de vorderingen af omdat de VvE haar claims onvoldoende had onderbouwd.
De zaak draaide om een aannemingsovereenkomst tussen de VvE en Jawel Bouw voor de verbouwing en restauratie van een appartementencomplex. De VvE stelde dat de intercominstallatie en de dakkappen gebrekkig waren en dat er lekkages waren ontstaan in twee woningen. Volgens de VvE had Jawel Bouw nagelaten deze gebreken te herstellen.
Vorderingen van de VvE
De VvE eiste dat de rechtbank zou verklaren dat Jawel Bouw toerekenbaar tekortgeschoten was in de nakoming van de aannemingsovereenkomst. Daarnaast vorderde de VvE een schadevergoeding van € 23.069,43, vermeerderd met wettelijke rente, en € 1.005,69 aan buitengerechtelijke incassokosten.
Verweer van Jawel Bouw
Jawel Bouw betwistte de vorderingen van de VvE en stelde dat de VvE niet ontvankelijk was, dan wel dat de vorderingen moesten worden afgewezen. De bouwonderneming voerde aan dat de VvE haar claims onvoldoende had onderbouwd.
Oordeel van de rechter
De rechtbank oordeelde dat de VvE haar vorderingen onvoldoende had onderbouwd. Zo was er geen concrete bewijsvoering over de gestelde storingen in de intercominstallatie. De VvE had een e-mail overgelegd waarin werd gesteld dat de installatie gebrekkig was, maar het ontbrak aan feitelijke inspecties of gedetailleerde rapporten die dit konden bevestigen.
Gebreken aan dakkappen en lekkages
Ook de gestelde gebreken aan de dakkappen en de lekkages in de woningen werden onvoldoende onderbouwd geacht. De VvE had geen rapporten overgelegd die de omvang van de schade of de oorzaak daarvan konden aantonen. Hierdoor kon de rechtbank niet vaststellen dat er sprake was van een tekortkoming door Jawel Bouw.
Proceskosten voor de VvE
Omdat de vorderingen van de VvE werden afgewezen, werd de VvE veroordeeld tot betaling van de proceskosten van Jawel Bouw. Deze werden begroot op € 1.298,00, inclusief nakosten en wettelijke rente als deze kosten niet tijdig zouden worden voldaan.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBZWB:2026:4072
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




