In een Vereniging van Eigenaren (VvE) met zes leden ontstond een conflict over een dakopbouw op een appartementencomplex. Twee eigenaren hadden in 2018 een opbouw gerealiseerd nadat de toenmalige VvE-leden hiervoor toestemming hadden verleend. In 2023 werd dit besluit door de rechtbank nietig verklaard op verzoek van andere eigenaren. Hierop verzochten de eigenaren van de opbouw de kantonrechter om de splitsingsakte te wijzigen om deze in overeenstemming te brengen met de nieuwe situatie. Het gerechtshof Amsterdam bekrachtigde deze beschikking, maar wijzigde de voorwaarden.
Waarom moest de splitsingsakte worden aangepast?
Het conflict ontstond nadat de opbouw was gerealiseerd met toestemming van de toenmalige VvE-leden. Andere eigenaren maakten in 2023 bezwaar en de rechtbank verklaarde het besluit nietig. De eigenaren van de opbouw wilden de splitsingsakte aanpassen om deze in lijn te brengen met de feitelijke situatie van het gebouw.
Bezwaren tegen de dakopbouw
De appellanten in hoger beroep stelden dat de opbouw zonder geldige toestemming was gerealiseerd, omdat het besluit van de VvE nietig was verklaard. Zij betoogden dat de wijziging van de splitsingsakte niet via artikel 5:144 BW zou moeten plaatsvinden, omdat dit artikel niet bedoeld is om zogenaamd illegale situaties te regulariseren. Verder argumenteerden de appellanten dat de notulen van de vergadering waarin de opbouw was besproken nietig waren, waardoor de overeenkomsten voor de verbouwing geen rechtsgeldigheid zouden hebben. Ze stelden ook dat de opbouw eigendom was van de gezamenlijke eigenaars vanwege natrekking en dat de eigenaren van de opbouw deze zouden moeten kopen van de overige eigenaars.
Hof oordeelt over de bouwvergunning
Het hof stelde vast dat de opbouw was gerealiseerd met medeweten en toestemming van de toenmalige eigenaren en dat de notulen en overeenkomsten niet nietig waren, ondanks de nietigverklaring van het besluit. De opbouw was zonder bezwaar van de andere leden gerealiseerd en de wijziging van de splitsingsakte was redelijk als sluitstuk van de verbouwing. De opbouw voldeed aan de bouwtechnische eisen en was met een omgevingsvergunning gerealiseerd.
Doorslaggevende argumenten voor het hof
Het hof oordeelde dat de wijziging van de splitsingsakte noodzakelijk was om de feitelijke situatie te weerspiegelen. De bezwaren van de appellanten, zoals de verminderde geschiktheid van het dak voor zonnepanelen, werden onvoldoende onderbouwd geacht. Bovendien maakten de appellanten pas jaren na de voltooiing van de opbouw bezwaar, terwijl zij eerder op de hoogte waren van de plannen en de realisatie ervan. Het hof achtte het onredelijk om de wijziging van de splitsingsakte te weigeren op basis van hun bezwaren.
Beslissing van het gerechtshof Amsterdam
Het gerechtshof Amsterdam bekrachtigde de beschikking van de kantonrechter, waarbij de wijziging van de splitsingsakte werd bevolen. De voorwaarden werden aangepast; het onderhoud van de opbouw, behalve het dak, komt voor rekening van de eigenaren van de betreffende appartementen. De stemverhouding binnen de VvE blijft volgens de oude breukdelen, zodat de vergroting van de appartementen niet leidt tot een zwaardere stem voor de eigenaren van de opbouw. Tot slot werden de appellanten veroordeeld tot het betalen van de proceskosten van de geïntimeerden, terwijl de kosten van de VvE werden gecompenseerd.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:GHAMS:2025:118
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




