In een geschil tussen een appartementseigenaar en de Vereniging van Eigenaars (VvE) van een woonzorgcomplex oordeelde het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden over de verdeling van de servicekosten. De splitsingsakte bepaalde dat deze kosten op basis van breukdelen moesten worden verdeeld, maar in de praktijk gebeurde dit gelijkelijk. Een van de appartementseigenaars vroeg de kantonrechter om de VvE-besluiten over deze kostenverdeling nietig te verklaren. Na afwijzing van dit verzoek door de kantonrechter ging de eigenaar in hoger beroep. Het hof verklaarde de VvE-besluiten nietig, omdat ze in strijd waren met de splitsingsakte en vond dat het beroep op nietigheid redelijk was.
Geschil over breukdelen en kostenverdeling
De appellant, eigenaar van een appartement in een gebouw dat in 2000 werd gesplitst, moest volgens de splitsingsakte bijdragen aan de gemeenschappelijke kosten op basis van breukdelen. Sinds 2001 werden de kosten echter gelijkelijk verdeeld, wat tot een conflict leidde. In 2020 probeerde de VvE de splitsingsakte aan te passen om deze praktijk te formaliseren, wat met 86% van de stemmen werd aangenomen. De appellant en andere eigenaars vochten dit besluit aan.
Argumenten van beide partijen
Tijdens de mondelinge behandeling in december 2024 voerde de appellant aan dat de breukdelen in de splitsingsakte niet willekeurig waren en dat er voldoende reden was om de VvE-besluiten nietig te verklaren. De VvE stelde dat de breukdelen willekeurig waren en dat een gelijke verdeling van kosten redelijk was, gezien de gemeenschappelijke ruimtes in het gebouw.
Oordeel van het gerechtshof
Het hof vernietigde de eerdere beschikking van de kantonrechter en oordeelde dat de VvE-besluiten van 4 april 2022 niet konden blijven bestaan. De besluiten over de jaarrekeningen van 2020 en 2021, de decharge aan het bestuur, en de goedkeuring van de conceptbegroting van 2022 waren in strijd met de splitsingsakte. Het hof benadrukte dat de splitsingsakte leidend is en dat wijzigingen alleen mogelijk zijn met instemming van ten minste vier vijfden van de appartementseigenaars.
Belang van de splitsingsakte
Het hof vond de argumenten van de VvE niet overtuigend, vooral omdat de redenering rondom de willekeur van de breukdelen niet houdbaar was. De breukdelen waren gebaseerd op redelijke overwegingen zoals de grootte van de appartementen en aanwezige voorzieningen zoals buitenruimtes en bergingen. Het hof veroordeelde de VvE tot betaling van de proceskosten van de appellant en bepaalde dat de uitspraak uitvoerbaar bij voorraad is.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:GHARL:2025:1693
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




