In een zaak bij de rechtbank Amsterdam dienden twee appartementseigenaren een verzoekschrift in tegen hun Vereniging van Eigenaren (VvE). Ze wilden een besluit van de VvE vernietigen en een vervangende machtiging van de kantonrechter verkrijgen. Vóórdat de rechter een uitspraak kon doen, trokken de eigenaren hun verzoek echter in. Dit leidde tot een verzoek van de VvE om vergoeding van de proceskosten, wat uiteindelijk door de rechter werd toegewezen.
Achtergrond van het verzoekschrift
Het conflict begon toen de appartementseigenaren op 2 oktober 2024 een verzoekschrift indienden bij de rechtbank. Ze waren het niet eens met een besluit dat de VvE op 3 september 2024 had genomen. Het verzoekschrift was gericht op vernietiging van dit besluit en het verkrijgen van een vervangende machtiging, wat suggereerde dat de eigenaren het besluit als onrechtmatig beschouwden.
Intrekking van het verzoekschrift en proceskostenverzoek
De belanghebbenden binnen de VvE, vertegenwoordigd door hun advocaat, dienden een verweerschrift in. Een mondelinge behandeling was gepland, maar moest worden uitgesteld vanwege de ziekte van de gemachtigde van de verzoekers. Een nieuwe datum werd vastgesteld op 9 september 2025. Op 27 mei 2025 trokken de verzoekers hun verzoekschrift in, vanwege hun verhuizing. Hierop vroeg de VvE om een vergoeding van de gemaakte proceskosten.
Beslissing van de rechtbank over proceskosten
De kantonrechter moest beslissen of de VvE recht had op een proceskostenvergoeding na de intrekking van het verzoekschrift. De rechtbank besloot dat de VvE recht had op vergoeding, aangezien zij kosten hadden gemaakt voor onder andere het opstellen van een verweerschrift en de voorbereiding op een zitting die niet doorging. Omdat de verzoekers hun verzoekschrift hadden ingetrokken, werden zij als de in het ongelijk gestelde partij aangemerkt.
Toewijzing van de proceskosten
De rechter veroordeelde de appartementseigenaren tot betaling van de proceskosten aan de VvE, begroot op een totaal van €609,50. Dit omvatte €542,00 aan salaris voor de gemachtigde van de VvE en €67,50 aan nakosten. De beschikking werd op 28 juli 2025 in het openbaar uitgesproken door de kantonrechter.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBAMS:2025:5795
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




