In deze zaak ging het om een conflict over een tijdelijke wijziging van het gebruik van een appartementsrecht. De Vereniging van Eigenaars (VvE) had toestemming gegeven voor deze wijziging, maar de onder-VvE en een individuele eigenaar, aangeduid als [eiser 2], maakten bezwaar. Zij vroegen de kantonrechter om dit besluit te vernietigen. De rechter verklaarde [eiser 2] niet-ontvankelijk en wees de vorderingen van de onder-VvE af.
Besluitvorming over gebruikswijziging
Het betrof een appartementencomplex dat in 2000 was gesplitst in zes appartementsrechten. [bedrijf 1] bezat een van deze rechten, bestemd voor winkelruimten. [bedrijf 2] huurde de ruimte van [bedrijf 1] en was sinds augustus 2025 een horecazaak begonnen. Op 5 maart 2026 besloot de VvE, met een meerderheid van stemmen (1.704 voor en 1.076 tegen), om een tijdelijke gebruikswijziging toe te staan. De onder-VvE en [eiser 2] maakten bezwaar en stapten naar de rechter.
Bezwaren van de onder-VvE
De onder-VvE stelde dat de horeca-activiteiten overlast veroorzaakten en eiste vernietiging van het besluit. De VvE betwistte dit en wees op het gebrek aan bewijs voor de overlast. Bovendien bleek dat een bepaling in de ondersplitsingsakte, die horeca verbood, niet in de splitsingsakte was opgenomen en dus niet van toepassing was.
Redelijkheid en billijkheid
De rechter oordeelde dat [eiser 2] als lid van de onder-VvE geen beroep kon doen op redelijkheid en billijkheid ten opzichte van de VvE-besluiten. De gestelde overlast was onvoldoende onderbouwd en een aanwezige bewoner gaf zelfs aan geen overlast te ervaren. De rechter vond het wel van belang dat [bedrijf 2] maatregelen zou nemen om overlast te voorkomen, maar zag geen grond om het besluit te vernietigen.
Compensatie proceskosten
De kantonrechter besloot de proceskosten te compenseren, omdat de bewoners van de onder-VvE pas laat geïnformeerd waren over de exploitatievergunning. Beide partijen moesten hun eigen kosten dragen. De rechter benadrukte dat de VvE met een duidelijke meerderheid het besluit had genomen en dat dit niet in strijd was met redelijkheid en billijkheid.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBAMS:2026:5421
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




