In een zaak voor de Rechtbank Amsterdam stonden twee Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) tegenover elkaar vanwege een geschil over de bijdrageplicht aan funderingsherstel van een mandelige muur. De VvE van het gebouw aan huisnummer eiser had funderingsherstel laten uitvoeren en eiste dat de VvE van het gebouw aan huisnummer gedaagde zou bijdragen aan de kosten.
De rechter oordeelde dat de VvE van huisnummer gedaagde inderdaad moest meebetalen, omdat beide panden via de mandelige muur de fundering belasten. De bijdrage werd vastgesteld op 25,3% van de totale kosten.
Achtergrond van het geschil
De panden van de twee VvE’s liggen naast elkaar en worden verbonden door een gemeenschappelijke bouwmuur. Onderzoek door Duyts Bouwconstructies toonde aan dat deze muur een mandelige muur is, wat betekent dat beide panden de fundering van het pand van huisnummer eiser belasten. Vanwege verzakkingssnelheden was funderingsherstel volgens meerdere rapporten noodzakelijk.
Standpunt van de VvE’s
- VvE [huisnummer eiser]: Zij stelde dat het herstel noodzakelijk was en dat de VvE van huisnummer gedaagde moest bijdragen aan de kosten vanwege de mandeligheid van de muur.
- VvE [huisnummer gedaagde]: Zij betwistte de noodzaak van het herstel en de hoogte van de gevraagde bijdrage. Volgens hen was het aandeel van hun pand in de kosten lager, namelijk 12,5%.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank oordeelde dat het funderingsherstel noodzakelijk was, mede gebaseerd op de rapporten van Duyts en BvB. De berekening van Duyts, die de bijdrage van VvE [huisnummer gedaagde] op 25,3% stelde, werd als juist beoordeeld. Het argument van VvE [huisnummer gedaagde] dat de berekening te ingewikkeld was, werd verworpen.
Beslissing over de kosten
VvE [huisnummer gedaagde] werd veroordeeld tot het betalen van 25,3% van diverse kostenposten, waaronder de totale kosten van het funderingsherstel, architect- en begeleidingskosten, en kosten voor het verplichte bodemonderzoek. Ook moesten ze bijdragen aan de kosten voor de tijdelijke verhuizing van de huurder tijdens de werkzaamheden.
Conclusie
De rechter concludeerde dat VvE [huisnummer gedaagde] een totaalbedrag van € 63.194,01 moest betalen, inclusief wettelijke rente, en daarnaast de proceskosten voor VvE [huisnummer eiser].
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBAMS:2026:9083
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




