In een zaak bij de rechtbank Noord-Holland is door de kantonrechter bepaald dat twee appartementseigenaren, aangeduid als [gedaagden], hun achterstallige VvE-bijdragen moeten betalen. De eigenaren hadden hun betalingen aan de Vereniging van Eigenaren (VvE) opgeschort vanwege klachten over het verwarmingssysteem. De rechtbank besliste echter dat opschorting niet was toegestaan op basis van het splitsingsreglement. Hierdoor zijn [gedaagden] veroordeeld tot betaling van de achterstallige bedragen, inclusief rente en kosten.
Achterstallige VvE-bijdragen en het splitsingsreglement
De procedure begon met een dagvaarding op 8 november 2023. [gedaagden] zijn mede-eigenaren van een appartementsrecht in een service-appartementencomplex en automatisch lid van de VvE. Het splitsingsreglement verplicht hen maandelijks een voorschotbijdrage te betalen en verbiedt opschorting of verrekening van deze betalingen. Ondanks een eerder vonnis bleven [gedaagden] in gebreke, waarna [eiser 1] een bedrag van € 23.213,91 vorderde wegens onbetaalde bijdragen en bijkomende diensten.
Argumenten van [gedaagden] voor opschorting
[gedaagden] voerden aan dat problemen met de bankrekening van de VvE en geluidsoverlast van het verwarmingssysteem reden waren voor opschorting van de betalingen. Echter, de rechtbank oordeelde dat deze klachten via de ledenvergadering en eventueel een verzoekschriftprocedure behandeld konden worden. Het splitsingsreglement stond opschorting bovendien niet toe.
Uitspraak van de rechtbank
De kantonrechter besloot dat er geen reden was om eerdere beslissingen te herzien. [gedaagden] moesten de hoofdsom van € 19.479,53 betalen, vermeerderd met wettelijke rente en een verlaagde vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van € 1.173,45, in plaats van de gevorderde € 2.752,09. De totale veroordeling kwam daarmee op € 21.635,27. Daarnaast werden [gedaagden] hoofdelijk veroordeeld in de proceskosten van € 1.628,33, met de mogelijkheid voor [eiser 1] om nog extra kosten te verhalen bij niet tijdige betaling.
Uitvoerbaarheid van het vonnis
Dit vonnis is door de kantonrechter uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Dit betekent dat [eiser 1] het vonnis kan afdwingen, zelfs als [gedaagden] besluiten in hoger beroep te gaan.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBNHO:2024:13944
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.



