In een recente uitspraak van de rechtbank Rotterdam stond een conflict centraal over vensteropeningen zonder vergunning. De eiseres had bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Schiedam om niet handhavend op te treden tegen de VvE. Deze VvE had drie vensteropeningen in een zijgevel laten aanbrengen zonder de benodigde omgevingsvergunning. De rechter oordeelde dat het college niet voldoende had gemotiveerd waarom handhaving achterwege bleef en gaf het college de kans om dit besluit opnieuw te overwegen.
Conflict over vensteropeningen zonder vergunning
Het conflict begon toen de eiseres het college verzocht om handhavend op te treden tegen de VvE. De vensteropeningen waren zonder vergunning aangebracht, wat in strijd is met de regels van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Het college besloot echter geen actie te ondernemen, wat leidde tot een bezwaar van de eiseres. Dit bezwaar werd aanvankelijk afgewezen, waarna de eiseres in beroep ging.
College van B&W in gebreke
De rechtbank constateerde dat het college te laat had gereageerd op het bezwaar van de eiseres. Hierdoor moest het college een dwangsom betalen. Belangrijker was echter dat het college onvoldoende toelichting had gegeven op het besluit om niet te handhaven. De rechtbank vond dat de motivering van het college ontbrak, vooral met betrekking tot de vraag of er bijzondere omstandigheden waren die handhaving onredelijk zouden maken.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank gaf het college de opdracht om het besluit te herzien en beter te motiveren. Hierbij moest het college rekening houden met criteria zoals de mogelijkheden voor legalisatie en de proportionaliteit van het handhavend optreden. Het college kreeg twaalf weken de tijd om het besluit aan te passen. Binnen twee weken moest het college laten weten of zij van deze mogelijkheid gebruik zou maken.
Tussenuitspraak en verdere stappen
Deze tussenuitspraak biedt het college de kans om het besluit te verduidelijken voordat de rechtbank een definitieve uitspraak doet. De rechtbank hield verdere beslissingen aan, zoals over proceskosten en mogelijke schadevergoeding voor de eiseres, tot na deze heroverweging. Het college moet nu afwegen of handhaving alsnog gewenst is en dit duidelijk onderbouwen.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBROT:2025:13928
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




