In deze zaak hebben twee appartementseigenaren de kantonrechter verzocht om verschillende besluiten van hun Vereniging van Eigenaren (VvE) te vernietigen. De besluiten werden genomen tijdens de algemene ledenvergadering op 1 april 2025. De eigenaren, hierna [verzoekers], stelden dat de besluiten in strijd waren met de splitsingsakte en het huishoudelijk reglement. De kantonrechter wees hun verzoeken echter af en oordeelde dat de besluiten niet in strijd waren met de regels.
Verzoeken tot vernietiging van VvE-besluiten
Op 1 mei 2025 dienden [verzoekers] een verzoekschrift in om diverse besluiten van de VvE-vergadering van 1 april 2025 te laten vernietigen. Ze claimden dat de VvE bij herhaling in strijd handelde met de splitsingsakte en het huishoudelijk reglement. Ze vroegen onder meer om vernietiging van de besluiten over de jaarrekening, déchargeverlening en een fietsenplan.
Argumenten van [verzoekers]
[Verzoekers] voerden aan dat de voorzitter van de VvE onrechtmatig een te laat ingediende volmacht tijdens de vergadering toeliet. Hierdoor zouden diverse besluiten op formele gronden vernietigbaar zijn. Ook eisten zij een nieuwe kascontrole over het boekjaar 2024 en volledige inzage in bepaalde correspondentie.
Verweer van de VvE
De VvE, vertegenwoordigd door mr. A.C.F. Berkhof, stelde dat de verzoeken van [verzoekers] onvoldoende waren onderbouwd en geen rechtsgrond hadden. De VvE betoogde dat [verzoekers] geen belang hadden bij hun verzoeken en dat deze niet in een verzoekschriftprocedure behandeld konden worden.
Oordeel van de kantonrechter
De kantonrechter oordeelde dat de verzoeken tot verklaringen voor recht en bepaalde bevelen niet in de verzoekschriftprocedure konden worden behandeld. Deze verzoeken zouden via een dagvaardingsprocedure moeten worden ingediend. De kantonrechter besloot de zaak niet naar een andere procedure te verwijzen omdat [verzoekers] de voorkeur gaven aan overleg boven voortzetting van de procedure.
Beslissing over vernietiging van de besluiten
Wat betreft de verzoeken tot vernietiging van de besluiten, oordeelde de kantonrechter dat deze niet vernietigbaar waren. De besluiten waren genomen met een meerderheid van stemmen tijdens de vergadering en waren niet in strijd met wettelijke of statutaire bepalingen of met de redelijkheid en billijkheid. De kantonrechter wees alle verzoeken van [verzoekers] af en veroordeelde hen in de proceskosten van de VvE, begroot op € 720,00. De proceskostenveroordeling werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBZWB:2026:3370
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




