In een zaak bij de Rechtbank Overijssel eist de Vereniging van Eigenaars (VvE) van een wooncomplex schadevergoeding van Bruty B.V. Dit bedrijf was verantwoordelijk voor de transformatie van een kantoorgebouw naar appartementen, maar volgens de VvE zijn de gemeenschappelijke delen niet goed opgeleverd. De VvE wil meer dan € 109.000 voor herstelkosten en een voorschot van € 50.000 voor verdere schade. Bruty B.V. heeft op zijn beurt een tegenvordering ingediend, waarin het bedrijf schadevergoeding eist voor ongerechtvaardigde verrijking en andere kosten.
Gebrekkige oplevering van gemeenschappelijke delen
De VvE stelt dat Bruty B.V. de gemeenschappelijke delen van het wooncomplex niet tijdig en niet deugdelijk heeft opgeleverd. Ondanks herhaalde beloftes van herstel, zijn de gebreken volgens de VvE niet verholpen binnen de gestelde termijnen. Hierdoor hebben ze een omzettingsverklaring ingediend om vervangende schadevergoeding te eisen.
Bruty B.V.’s tegenvordering
Bruty B.V. heeft een tegenvordering ingediend tegen de VvE en enkele appartementseigenaren. Het bedrijf eist de opheffing van conservatoire beslagen en schadevergoeding voor vermeende ongerechtvaardigde verrijking. Bruty stelt dat de VvE kosten voor water- en elektriciteitsaansluitingen zou moeten overnemen.
Samengevoegde procedures wegens verwevenheid
De rechtbank heeft besloten de twee afzonderlijke procedures samen te voegen. De zaken zijn nauw met elkaar verweven, zowel feitelijk als juridisch. Door de procedures samen te voegen kan de rechtbank consistente uitspraken doen en tegenstrijdigheden vermijden.
Veroordeling tot proceskosten
De rechtbank heeft de VvE en de betrokken appartementseigenaren veroordeeld tot het betalen van de proceskosten in de incidenten. De VvE moet € 842 aan proceskosten betalen, en de appartementseigenaren zijn hoofdelijk veroordeeld tot dezelfde kosten. Deze veroordelingen zijn uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Vervolg van de zaak
De verdere behandeling van de zaken zal plaatsvinden op een later moment, waarbij de rechtbank nog geen definitieve beslissingen heeft genomen. De hoofdzaak wordt op 18 maart 2026 verder behandeld voor conclusies van antwoord in reconventie en conventie.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBOVE:2026:731
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




