In een zaak die voor het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden speelde, ging het om een conflict tussen twee appartementseigenaren binnen een Vereniging van Eigenaars (VvE). De ruzie ontstond nadat een van de eigenaren sloopwerkzaamheden uitvoerde zonder toestemming. Dit leidde tot een juridische strijd over wie de herstelwerkzaamheden moest uitvoeren. Het hof bepaalde dat de verantwoordelijke eigenaar de herstelwerkzaamheden moet uitvoeren en bekrachtigde de opgelegde dwangsommen.
Sloopwerkzaamheden zonder toestemming
Het conflict begon toen een appartementseigenaar zonder overleg met de medebewoners en de VvE dragende muren, een balkon, een luifel en een bloembak sloopte. Deze ongeoorloofde werkzaamheden leidden tot juridische procedures, waarna een vaststellingsovereenkomst werd gesloten. Hierin werd afgesproken dat de eigenaar de nodige herstelwerkzaamheden zou uitvoeren vóór 31 december 2024.
Vordering tot herstelwerkzaamheden en dwangsommen
Toen de herstelwerkzaamheden niet werden uitgevoerd, stapte de andere partij naar de rechter. Zij eisten dat de verantwoordelijke eigenaar bouwtekeningen en andere documenten zou overleggen en de herstelwerkzaamheden binnen een bepaalde termijn zou voltooien. De voorzieningenrechter gaf hen gelijk en legde een dwangsom van € 1.000 per dag op, met een maximum van € 25.000, indien niet aan de eisen werd voldaan.
Hoger beroep en grieven
De eigenaar ging in hoger beroep en voerde vier grieven aan. Ze betwistten onder andere de spoedeisendheid van de zaak en de betrokkenheid van de VvE in de beslissing. Verder stelden zij dat de voorzieningenrechter een nieuwe rechtstoestand had gecreëerd en dat de opgelegde dwangsommen onredelijk waren omdat zij niet binnen de gestelde termijnen konden voldoen.
Oordeel van het hof
Het hof oordeelde dat de voorzieningenrechter juist had gehandeld. De spoedeisendheid was nog steeds aanwezig, en de VvE-regelgeving was relevant voor de verplichtingen van de eigenaar. De veroordelingen creëerden geen nieuwe rechtstoestand en de dwangsommen waren terecht opgelegd gezien het gebrek aan voldoende onderbouwing voor de onmogelijkheid om aan de termijnen te voldoen. Alle grieven werden verworpen.
Uitvoerbaarheid en kostenveroordeling
Het hof bekrachtigde het vonnis van de voorzieningenrechter en veroordeelde de eigenaar in de kosten van het hoger beroep. De uitspraak werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard, wat betekent dat deze direct kan worden uitgevoerd. De verplichtingen om de herstelwerkzaamheden uit te voeren blijven in lijn met de vaststellingsovereenkomst en de regels van de VvE.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:GHARL:2026:297
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




