In een zaak voor de rechtbank Amsterdam stond een appartementseigenaar tegenover de Vereniging van Eigenaars (VvE) van zijn gebouw. De eigenaar, aangeduid als verzoeker, had bezwaren tegen diverse besluiten van de VvE. Het ging onder andere om de verhoging van de maandelijkse bijdrage en de aanstelling van een beheerder. Daarnaast had hij verzoeken ingediend tegen de VvE Beheergroep en bestuursleden van de VvE. De rechtbank heeft de meeste verzoeken van de eigenaar niet-ontvankelijk verklaard en de overige verzoeken afgewezen.
Vergadering van de VvE op 4 maart 2025
Op 4 maart 2025 hield de VvE een vergadering waarin enkele belangrijke besluiten werden genomen. Er werd besloten om een Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP) op te stellen, juridisch advies in te winnen over de verhuur van de woning via AirBnB, en de maandelijkse bijdrage van de leden te verhogen. De verzoeker diende vervolgens verschillende verzoeken in bij de rechtbank.
Niet-ontvankelijkheid van verzoeken
De verzoeker had verschillende verzoeken ingediend met betrekking tot de VvE Beheergroep, zoals een verbod op incassoacties en een claim voor immateriële schade. Ook wilde hij de overeenkomst tussen de VvE en de VvE Beheergroep ontbinden. De rechtbank verklaarde deze verzoeken niet-ontvankelijk omdat de VvE Beheergroep geen partij was in de procedure en de verzoeker geen partij bij de overeenkomst was. Daarnaast had de verzoeker verzoeken ingediend tegen twee bestuursleden van de VvE, waarbij hij schadevergoedingen eiste. Deze verzoeken werden eveneens niet-ontvankelijk verklaard omdat de bestuursleden formeel geen verwerende partij waren in deze procedure.
Verzoek om vernietiging van de beheerder aanstelling
Een belangrijk verzoek van de verzoeker was de vernietiging van de aanstelling van de beheerder, [naam 2]. Dit verzoek werd afgewezen omdat het besluit om de beheerder aan te stellen al in 2023 was genomen en in rechte was vast komen te staan.
Oordeel van de rechtbank over de VvE-besluiten
De rechtbank heeft de verzoeken van de verzoeker grotendeels afgewezen. Met betrekking tot de vergadering van 4 maart 2025 oordeelde de kantonrechter dat de oproep voor de vergadering tijdig was gedaan. Er was geen rechtsgrond die vereiste dat de datum van de vergadering met alle leden moest worden afgestemd of dat de vergadering digitaal moest worden bijgewoond. De verzoeker had de mogelijkheid om via een volmacht deel te nemen, maar deed dit niet.
De kantonrechter vond dat de besluiten van de VvE op redelijke en billijke wijze waren genomen. De kosten voor het opstellen van een MJOP en juridisch advies over AirBnB-verhuur werden terecht als gemeenschappelijke kosten aangemerkt. De verhoging van de maandelijkse bijdrage was volgens de VvE noodzakelijk vanwege onvoldoende reserves voor onderhoud en om de kosten van de VvE Beheergroep te dekken.
Proceskosten en uitspraak
De verzoeken tot vernietiging van de besluiten van de VvE werden afgewezen. Ook het verzoek van de verzoeker om de administratie van de VvE te overleggen werd afgewezen, omdat hij al toegang had tot het portaal van de VvE waar deze informatie beschikbaar was. Tot slot werd de verzoeker veroordeeld in de proceskosten, die aan de zijde van de VvE op nihil werden begroot, omdat de VvE in het gelijk was gesteld.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBAMS:2025:4861
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




