Verzoek om vernietiging VvE-besluiten afgewezen
In een recente zaak heeft een appartementseigenaar en voormalig bestuurder van een Vereniging van Eigenaren (VvE) de rechtbank verzocht om verschillende besluiten van de VvE te vernietigen. Het conflict draaide om de benoeming van een nieuw bestuur en kascommissie, de afwijzing van een voorstel voor een extern bureau voor het VvE-beheer, en de plaatsing van een hekwerk rondom buitenunits van warmtepompen en airco-installaties. De verzoeker stelde dat deze besluiten in strijd waren met de statuten van de VvE en met de redelijkheid en billijkheid. De rechtbank wees het verzoek af.
De aanleiding van het geschil
De zaak ontstond nadat op 19 maart 2025 een VvE-vergadering plaatsvond waar de verzoeker aftrad als bestuurder. Tijdens deze vergadering werden nieuwe bestuursleden en kascommissieleden benoemd. De verzoeker was het niet eens met deze besluiten en beweerde dat ze in strijd waren met de splitsingsakte en de procedurevoorschriften van de VvE. Bovendien had hij verzocht om een extern bureau aan te stellen voor het VvE-beheer en een hekwerk te plaatsen rondom de buitenunits, wat beide werd afgewezen.
Rechtsgeldigheid van de VvE-vergadering
De verzoeker had eerder geweigerd een vergadering bijeen te roepen omdat ondertekende verklaringen van appartementseigenaars ontbraken. Dit leidde ertoe dat een van de eigenaren zelf een vergadering bijeenriep. Tijdens de mondelinge behandeling op 11 september 2025 voerde de VvE aan dat de vergadering conform de regels was georganiseerd. De rechtbank stemde hiermee in en oordeelde dat de VvE bevoegd was om zelf een vergadering te organiseren, aangezien het bestuur niet tijdig op het verzoek van de eigenaren had gereageerd.
Strijd met redelijkheid en billijkheid
De rechtbank oordeelde dat de verzoeker onvoldoende had aangetoond dat de besluiten onredelijk waren. De kritiek op de nieuwe bestuursleden was niet genoeg om te bewijzen dat de besluiten in strijd waren met de redelijkheid en billijkheid. De VvE had binnen haar verantwoordelijkheid gehandeld, en de verzoeker kon zijn punten tijdens vergaderingen aan de orde stellen en ter stemming brengen.
Afwijzing van het externe bureau en hekwerk
Ten aanzien van het voorstel om een extern bureau aan te stellen, oordeelde de rechtbank dat de VvE gerechtvaardigde redenen had om dit af te wijzen. De kosten en de afwijzing door de meerderheid van de appartementseigenaars speelden hierin een rol. Wat betreft het hekwerk, had de verzoeker nog geen concreet voorstel ingediend, wat de afwijzing rechtvaardigde.
Proceskostenveroordeling
De rechtbank veroordeelde de verzoeker in de proceskosten, die werden begroot op € 609,50. Deze kostenveroordeling werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard, wat betekent dat de verzoeker deze kosten binnen 14 dagen na betekening van het vonnis moet voldoen. De uitspraak werd op 16 oktober 2025 openbaar gemaakt door mr. I.M. Bilderbeek.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBAMS:2025:7693
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




