In deze zaak draaide het om de vraag of er sprake was van onrechtmatige geluidshinder veroorzaakt door een gezin dat boven de klagende partij woont. De kwestie betrof geluidsoverlast van contact- en luchtgeluid in een appartementencomplex uit het begin van de twintigste eeuw. Beide partijen verzochten de rechtbank in Den Haag om een oordeel. De rechter oordeelde dat het geluid binnen de normen valt die verwacht mogen worden van een gezin met kinderen en dat er geen sprake is van onrechtmatig handelen. Wel worden de partijen aangemoedigd om samen te kijken naar maatregelen die de hinder kunnen verminderen.
Verloop van de procedure
De zaak werd behandeld binnen het project Wijkrechter, een procedure voor burengeschillen. De mondelinge behandeling vond plaats op 16 juni 2022 en 26 augustus 2022. De verzoekster, die op de begane grond van het appartementencomplex woont, had al langere tijd last van geluidshinder van de bovenburen. Het ging hierbij om zowel contactgeluid, zoals lopen, als luchtgeluid, zoals muziek en stemmen.
Inspanningen om geluidshinder te verminderen
De verzoekster heeft eerder geprobeerd de hinder te verminderen door haar plafond te isoleren en een geluidsonderzoek uit te laten voeren. Dit onderzoek toonde aan dat de geluidsniveaus boven de norm van het Activiteitenbesluit liggen. Aan de andere kant hebben de bovenburen ook maatregelen genomen, zoals het aanbrengen van cellulosevlokken onder de vloeren en het plaatsen van rubbers. Deze maatregelen waren echter niet voldoende voor de verzoekster.
Resultaten van het STAB-onderzoek
Omdat de partijen geen overeenstemming bereikten, werd Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening (STAB) ingeschakeld voor een onafhankelijk geluidsonderzoek. Dit onderzoek toonde aan dat het geluid binnen de gangbare normen voor een gebouw uit het begin van de twintigste eeuw valt. Het rapport suggereerde enkele akoestische verbeteringen, zoals het losmaken van parketvloeren van constructieve wanden en het aanbrengen van een verlaagd plafond in de woning van de verzoekster, maar geen van deze maatregelen kon verplicht worden opgelegd.
Rechterlijke overwegingen en beslissing
De rechter concludeerde dat het woongedrag van het gezin boven de verzoekster binnen de normale verwachtingen valt en dat er geen sprake is van onrechtmatige hinder. Toch stimuleerde de rechter beide partijen om als goede buren samen te werken aan het verminderen van de overlast. Het belang van redelijke maatregelen en een goede burenrelatie werd benadrukt. De proceskosten werden tussen de partijen gecompenseerd, wat betekent dat elke partij zijn eigen kosten draagt. De vorderingen op basis van de onderzoeksvragen werden afgewezen.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBDHA:2023:22390
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




