In een geschil tussen een Vereniging van Eigenaars (VvE) en een appartementseigenaar, ging het om de vraag of de VvE een machtiging kon krijgen voor een geluidsonderzoek in het appartement van de bewoner, aangeduid als [verweerder]. De VvE had klachten ontvangen over geluidsoverlast afkomstig van [verweerder] en wilde een onderzoek uitvoeren om de oorzaak vast te stellen. De kantonrechter in Utrecht wees het verzoek af. De rechter oordeelde dat de VvE niet voldeed aan de vereisten van het splitsingsreglement en dat er onvoldoende bewijs was van geluidsoverlast.
Verzoek om vervangende machtiging
De VvE diende een verzoekschrift in om een vervangende machtiging te verkrijgen, zodat zij het appartement van [verweerder] konden betreden voor een geluidsonderzoek. Het verzoek was gebaseerd op artikel 17 van het splitsingsreglement, dat voorziet in een vervangende machtiging indien toegang tot een privégedeelte noodzakelijk is voor handelingen met betrekking tot gemeenschappelijke delen. [Verweerder] verzette zich tegen het verzoek en voerde aan dat er geen bewijs was van geluidsoverlast en dat het betreden van haar appartement een inbreuk op haar privacy zou zijn.
Descente en beoordeling van geluidsoverlast
Op 30 juni 2025 vond een descente plaats, waarbij de kantonrechter, griffier en partijen in het appartement van de onderburen van [verweerder] bijeenkwamen. Tijdens de descente werden nagebootste geluiden beluisterd die afkomstig zouden zijn van [verweerder]’s appartement. Uit de descente bleek dat de geluiden waarover geklaagd werd, zoals kuchen en gesprekken, nauwelijks hoorbaar waren. Geluiden die wel hoorbaar waren, zoals stofzuigen, werden door de kantonrechter als normaal beschouwd voor een wooncomplex.
Rechterlijke overwegingen en beslissing
De kantonrechter oordeelde dat de VvE niet had aangetoond dat er sprake was van geluidsoverlast die een onderzoek rechtvaardigde. Bovendien was niet duidelijk dat de geluidsoverlast betrekking had op gemeenschappelijke delen van het appartementencomplex, zoals vloeren of dragende muren, wat een vereiste zou zijn om een beroep te doen op artikel 17 van het splitsingsreglement. Omdat de VvE alleen toegang vroeg tot [verweerder]’s appartement en niet tot gemeenschappelijke delen, was er onvoldoende basis voor de machtiging.
De rechter concludeerde dat de noodzakelijkheid voor het betreden van [verweerder]’s appartement niet was aangetoond. De VvE kreeg geen machtiging en moest de proceskosten van € 1.221,00 aan [verweerder] betalen. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard voor de proceskostenveroordeling.
Vergelijkbare uitspraken
Bron
ECLI: ECLI:NL:RBMNE:2025:7824
Lees de originele uitspraak op Rechtspraak.nl
Deze samenvatting is met zorg samengesteld op basis van de oorspronkelijke uitspraak. Wilt u deze uitspraak gebruiken ter onderbouwing van een standpunt, procedure of besluit, raadpleeg dan altijd de volledige originele uitspraak.




